Zuid-Amerika Midden-Amerika Cariben

La Chispa is dé website voor liefhebbers van Latijns Amerika. Journalistiek, betrokken, informatief, scherp. Een interactieve community met echte chispa: levendig en met passie.

Politiek & Maatschappij

Een land waar discriminatie niet wordt bestraft

Strijd voor antidiscriminatiewet in Paraguay

Datum : 18/05/2017
Auteur : Santi Carneri/Equal Times
Land : Paraguay

Een land waar discriminatie niet wordt bestraft

Discriminatie van vrouwen, van LGBT’ers, inheemse volken en anderen is moeilijk uit te roeien in Paraguay omdat het land geen enkele wet kent die dat tegengaat. Alle andere landen in Zuid-Amerika, met uitzondering van de Guyana’s, hebben inmiddels wetten aangenomen tegen racisme, segregatie of homofobie. In Paraguay wordt een wetsvoorstel behandeld, maar de katholieke kerk en de conservatieve regeringspartij zijn fel tegen.

Hoewel Paraguay zelfs niet aan zee ligt, lijkt het vaak op een eiland vanwege haar culturele isolement. Het is een land dat soms niet geraakt wordt door ontwikkelingen in haar buurlanden. De afgelopen tien jaar hebben alle landen van de Cono Sur (zuidkegel van Zuid-Amerika) vooruitstrevende wetgeving aangenomen in de strijd tegen discriminatie, behalve Paraguay.

Politici van de linkse minderheid en mensenrechtenorganisaties strijden al bijna twintig jaar voor wetgeving die alle vormen van discriminatie verbiedt en bestraft. Maar de politieke leiders, grotendeels behorend tot de twee grote conservatieve partijen, Colorados en Liberalen, en de katholieke en evangelische kerken, lijken niet geneigd zo’n wet toe te staan. 

Genegeerd en beschaamd

De leidster van het inheemse qom-volk, Bernarda Pessoa (foto), moest bijna op de grond van de  wachtruimte van het ziekenhuis bevallen van haar oudste kind. Ze was achttien jaar oud en wachtte al ruim vier uur op haar beurt. Zittend op de grond, zonder eten of drinken, met een laken en wat babykleertjes als enige bagage, werd zij urenlang volkomen genegeerd door ziekenhuispersoneel dat zelfs niet probeerde om met haar te communiceren.

De bekende Afro-Paraguayaanse ballerina Bárbara Medina kreeg zó veel met racisme te maken op haar middelbare school in Asunción dat ze boos werd toen haar moeder haar vertelde dat ze zwart was, zoals haar hele familie. Ze leidde gedurende haar puberteit een teruggetrokken leven, beschaamd door alle discriminerende opmerkingen die ze voortdurend te horen kreeg.

Zangeres Jennifer Hicks werd regelmatig aangerand door medemusici uit Asunción tijdens opnamesessies of concerten zonder dat ze hen kon aanklagen. Scheikundestudente Jessica Arce kreeg een keer van haar leidinggevende te horen dat ze “knapper zou zijn als ze wat gewicht zou kwijt raken”, voordat hij haar ontsloeg bij het laboratorium waar ze werkte. Dit zijn slechts enkele van de gedocumenteerde getuigenissen die Amnesty International uitbracht bij de campagne Yo no discrimino (ik discrimineer niet) voor wetgeving tegen discriminatie. 

Katholieke kerk

Het wetsvoorstel Julio Fretes is genoemd naar een activist voor de rechten van mensen met een handicap, die overleed in 2009. Mensenrechtenorganisaties en anderen verdedigen dit wetsvoorstel dat gebaseerd is op vergelijkbare wetgeving in Chili, Bolivia en Argentinië. Het voorstel wil het verbod op discriminatie uit de grondwet uitwerken in duidelijke regels en garanties. Niet meer, niet minder.

De Chileense antidiscriminatiewet uit 2012 bestraft alle uitingen van discriminatie gedaan door overheidsdienaren of individuen ten koste van de fundamentele mensenrechten die gelden voor alle ingezetenen. Ook Uruguay, Peru, Venezuela, Colombia en Ecuador hebben dergelijke wetgeving. In de Chileense wet staat dat een persoon niet gevangen gezet of ontslagen kan worden, puur vanwege zijn of haar “ras of volk, nationaliteit, sociaaleconomische situatie, taal, ideologie of politieke mening, godsdienst of levensbeschouwing, vakbonds- of ander activisme of de afwezigheid daarvan, geslacht, seksuele oriëntatie, gender, burgerlijke staat, leeftijd, lidmaatschap van een organisatie, uiterlijk vóórkomen en ziekte of handicap”.

De katholieke kerk in Paraguay is er in geslaagd een groot deel van de bevolking te overtuigen dat de ‘Julio Fretes-wetingaat tegen haar normen en waarden. Tijdens het debat over de wet bracht de Paraguayaanse bisschoppenconferentie persberichten uit waarin een beroep gedaan werd op “het menselijk en Christelijk geweten” van de wetgevers. Die werden opgeroepen om te stemmen “ter verdediging van de familie en het huwelijk, gebaseerd op de relatie tussen man en vrouw.”

‘Apen’

Senator Carlos Filizzola van de vooruitstrevende partij Frente Guasú verdedigde, staande voor de deur van het parlement,  tijdens de laatste keer dat er een debat over gevoerd werd in 2015, het wetsvoorstel als volgt: “Er zijn mensen die zeggen dat we hier voorstellen om het huwelijk open te stellen voor iedereen of abortus toe te staan, maar geen enkel artikel van het wetsvoorstel heeft het over deze onderwerpen. Het gaat slechts over niet discrimineren. In deze wet worden boetes en gevangenisstraffen tot twee jaar geregeld voor diegenen die de waardigheid van andere personen aantasten.”

“Deze wet werkt artikel 46 van de nationale grondwet uit, tegen alle vormen van discriminatie. Paraguay heeft zich op internationale fora en in de Verenigde Naties verbonden aan de strijd tegen discriminatie. Deze wet bepaalt wat discriminatie is”, verduidelijkte Filizzola.

Ook de uitvoerende macht lijkt niet van zins om dit wetsvoorstel te ondersteunen of, alsof ze de katholieke kerk zelf was, zich uit te spreken over iets wat met het woord gender te maken zou kunnen hebben. Dat geldt ook voor president Horacio Cartes zelf, een tabaksmagnaat die in 2013 namens de Colorado-partij aan de macht kwam, dezelfde partij die regeerde tijdens de dictatuur (1954–1989) en ook in het grootste deel van de huidige democratie (1992–2008).

Cartes’ opvattingen over het homohuwelijk werden zelfs geciteerd in The New York Times toen hij homoseksuelen vergeleek met “apen” en relaties tussen mensen van hetzelfde geslacht associeerde met “het einde van de wereld”. Tijdens een radio-interview tijdens zijn verkiezingscampagne zei hij letterlijk dat hij “hem in zijn kloten zou schieten” als zijn zoon homoseksueel zou blijken te zijn. 

‘Ik word gediscrimineerd’

Het Netwerk Tegen Alle Vormen van Discriminatie is er, ondanks alle tegenwerking door conservatieve krachten, in geslaagd de Paraguayaanse samenleving het begrip ‘discriminatie  bij te brengen, zegt één van haar leden, de advocate en feministe Mirta Moragas (foto) in een interview met de Equal Times. “Sinds 2014 gebruiken de mensen het woord discriminatie om te klagen over iets dat we alle dagen zien. Op de sociale netwerken, in de media, zegt niemand meer ‘ik word achtergesteld’ of ‘ik word slecht behandeld’. Ze zeggen nu: ‘ik word gediscrimineerd’. En ik denk dat dit een symbool is van een bredere, culturele strijd”, aldus Moragas.

Het Netwerk, waarin 28 organisaties en individuen samenwerken, heeft goede hoop dat het wetsvoorstel in 2017 opnieuw behandeld zal worden in de Senaat en dat het goedgekeurd zal worden. Er liggen namelijk al twee positieve voorbereidende uitspraken van commissies van de Senaat: de Mensenrechtencommissie en de Commissie voor Gender en Gelijkheid.

“Het feit dat we in de 21e eeuw in dit land nog steeds geen wet tegen discriminatie hebben, is reden voor grote schaamte. In veel opzichten hebben we vooruitgang geboekt, maar op dit gebied overduidelijk niet”, zei de burgemeester van Asunción, Mario Ferreiro in december in ‘La Serafina’, het hoofdkantoor van de feministische organisatie Aireana. Bij die gelegenheid werd hij door het Netwerk Tegen Alle Vormen van Discriminatie geëerd voor zijn grote inzet voor deze zaak .

Vertaald uit het Spaans door Frank Bron. Originele artikel vindt u op Equal Times.

Deze bijdrage vormt onderdeel van de ‘Paraguay Special’, voorjaar 2017.

Bron : Equal Times
Bookmark and Share

Bekijk ook


Terug