Zuid-Amerika Midden-Amerika Cariben

La Chispa is dé website voor liefhebbers van Latijns Amerika. Journalistiek, betrokken, informatief, scherp. Een interactieve community met echte chispa: levendig en met passie.

Politiek & Maatschappij

FMO onder vuur wegens dubieuze investeringen in Honduras en Panama

Lokale bevolking dient klacht in

Datum : 13/05/2014
Auteur : Franka van Schaik
Land : Honduras

FMO onder vuur wegens dubieuze investeringen in Honduras en Panama

De Nederlandse ontwikkelingsbank FMO investeert in dubieuze stuwdamprojecten in Panama en Honduras. In die landen is er veel protest vanuit inheemse gemeenschappen die hun grond en water vervuild zien worden. Ook mensenrechten worden geschonden. Jasper van Dijk (SP) heeft in 2012 en dit jaar Kamervragen gesteld aan minister Ploumen. De FMO en Ploumen zijn van mening dat de projecten aan alle voorwaarden voldoen.

De Hondurese Vereniging van Inheemse Organisaties COPINH stuurde in april 2014 een brandbrief naar de Nederlandse ontwikkelingsbank FMO (Financierings Maatschappij voor Ontwikkelingslanden). In die brief lieten de Lenca indianen weten dat zij het niet eens zijn met de investeringen van FMO in projecten van het Hondurese bedrijf DESA. Dit bedrijf, dat hydro-elektrische projecten ontwikkelt om duurzame energie op te wekken, is in de Gualcarquerivier bezig met een stuwdamproject, Agua Zarca.
“DESA vernietigt ons territorium waar wij al eeuwenlang fruit, koffie en suikerriet telen”, aldus Berta Cáceres, coördinatrice van COPINH. Voor de Lenca is de rivier heilig; ze  gebruiken het water om te drinken, te vissen, te baden en om kleding in te wassen. De protesten van COPINH duren al een jaar, waarbij ook doden en gewonden zijn gevallen. De inheemse leider Tomás García is tijdens een protestmars doodgeschoten door een Hondurese soldaat. FMO gaat vooralsnog door met de financiering. De bank tekende twee maanden geleden een investeringscontract van tien miljoen euro.

Barro Blanco

Omwonenden van de in aanbouw zijnde dam Barro Blanco in Panama, die tot de inheemse bevolkingsgroep Ngäbe-Buglé behoren, hebben een klacht ingediend tegen de  FMO. De ontwikkelingsbank heeft 25 miljoen dollar geïnvesteerd in de dam in de rivier de Tabasará. De klacht wordt in Nederland gesteund door de organisaties SOMO (Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen) en Both ENDS, een onafhankelijke niet-gouvernementele organisatie die zich inzet voor een duurzame toekomst voor onze planeet.
De gevolgen van de Barro Blancodam, waarvan het stuwmeer voor een deel op traditioneel inheems grondgebied (comarca) ligt, zijn voor de Ngäbe-Buglé desastreus: huizen, scholen en  religieus, cultureel en archeologisch belangrijke plekken verdwijnen definitief onder water als de dam operationeel wordt. Een aantal Ngäbe-Buglé moet verplicht verhuizen van het land waaraan ze generaties lang verbonden zijn geweest. De rivier Tabasará verandert van een belangrijk deel van het ecosysteem tot stilstaand water. Dat heeft directe impact op het voedsel van de omwonenden en op het landschap. Weni Bagama van M-10, een lokale milieu- en mensenrechtenorganisatie, en bewoner van Kiad, een dorp dat door de damconstructie wordt getroffen: “We zijn genegeerd toen de milieueffectrapportage werd gemaakt. Speciaal VN-rapporteur voor Inheemse Volkeren James Anaya en de UNDP, het ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties, hebben vastgesteld dat de consultatie van de omwonenden tekort is geschoten”.

FMO betreurt incidenten

Jasper van Dijk (SP) stelde Kamervragen over de FMO en deze dam in Panama aan de minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, Lilianne Ploumen. Dit gebeurde al in oktober 2012 en opnieuw in februari 2014. Op zes mei 2014 diende Van Dijk Kamervragen in over de Hondurese dam. De Nederlandse staat is voor 51 procent eigenaar van de FMO. De Nederlandse Centrale Bank houdt toezicht op de FMO. Volgens het internationale ratingbureau Fitch heeft de FMO een AAA status, wat inhoud dat de bank van uitzonderlijke kwaliteit is.

Op 6 mei verscheen in de Volkskrant een artikel over de FMO en hun financiering, tien miljoen euro, van het stuwdamproject in Honduras. Het artikel rept over het verzet van de Lenca tegen de dam en dat de FMO desondanks weigert te stoppen met het project. Op de website van FMO valt een reactie van de bank op dit artikel te lezen. De FMO is van mening dat het artikel “eenzijdig, suggestief en incompleet is”. De bank betreurt de incidenten die plaatsvonden in augustus 2013 waar gewonden bij vielen. De FMO financiert het stuwdamproject in Honduras omdat het duurzame energie en werkgelegenheid oplevert. “Ons overleg met en bezoeken aan de lokale gemeenschappen laten zien dat de meerderheid van de lokale bevolking het project steunt”. In de reactie laat de FMO verder weten mensenrechten te respecteren en dat ook hun cliënten de verantwoordelijkheid hebben om mensenrechten te respecteren. Sinds 1 januari 2014 is het ‘Onafhankelijke Klachten Mechanisme’ en de bijbehorende ‘Procedure van de FMO’ in werking getreden en kunnen externe partijen klachten indienen betreffende FMO-projecten. De FMO financiert op elk continent projecten die in de miljarden euro’s lopen.

Richtlijnen

De FMO-standaarden vereisen voor de constructie van een groot infrastructureel werk in inheems gebied toestemming van omwonenden op basis van voldoende informatie, het zogenaamde ‘free, prior and informed consent’. Dit is een recht dat is vastgelegd in de VN-verklaring over de rechten van inheemse volkeren en het Amerikaans Verdrag over Mensenrechten, dat in 1978 ook door Panama is geratificeerd. Ook in Honduras is het verplicht om eerst de inheemse bevolking van een gebied te informeren en toestemming te vragen. Volgens COPINH was een grote meerderheid van de bevolking tegen de bouw van een dam, maar liet de burgemeester zich omkopen en zijn de resultaten vervalst. In de zaak van Panama lijkt het recht op consultatie ook tekortgeschoten te zijn. Both ENDS is al jaren in gesprek met de FMO over de Panamese dam, maar nu worden de rechten van de inheemse gemeenschap toch geschonden.
In haar antwoord aan Van Dijk vertelde minister Ploumen in april 2014 dat de FMO aan alle standaarden en richtlijnen voldoet. Volgens Ploumen ziet zij er zelf op toe dat de ontwikkelingsbank alle relevante standaarden naleeft en ze houdt hierover nauw contact met de bank. De antwoorden van de minister over de FMO in Honduras volgen nog.

 

 


 

 

 

 

Bron : Volkskrant, SOMO, Both ENDS, FMO, Jasper van Dijk, COPINH
Bookmark and Share

Bekijk ook


Terug