Zuid-Amerika Midden-Amerika Cariben

La Chispa is dé website voor liefhebbers van Latijns Amerika. Journalistiek, betrokken, informatief, scherp. Een interactieve community met echte chispa: levendig en met passie.

Politiek & Maatschappij

Geen frisse jongens: drugshandel in Colombia

Interview met La Chispa-correspondent Nico Verbeek over zijn boek 'Het kartel van de narcos'

Datum : 04/04/2016
Auteur : Mark Weenink
Land : Colombia

Geen frisse jongens: drugshandel in Colombia

Uitgever Just Publishers heeft Het kartel van de narcos uitgegeven van onze correspondent Nico Verbeek (1961), die al sinds 1996 in Colombia woont en eerder het boek Pablo Escobar. De zoektocht naar de man achter de mythe (2006) schreef. La Chispa sprak Verbeek over zijn nieuwe boek toen hij onlangs in Nederland was. "Ik denk dat corruptie een groter probleem is dan de drugshandel op zich."

Wereldwijd wordt Colombia nog altijd geassocieerd met de naam Pablo Escobar (1949 – 1993), tot verdriet van veel Colombianen. De herinnering aan de grootste drugscrimineel allertijden blijft pijnlijk voor hen die zijn opgegroeid in het tijdperk van bloedige aanslagen en nietsontziende terreur. Toch blijft de figuur Escobar tot de verbeelding spreken in Colombia en daarbuiten. Een voorbeeld daarvan is het recente succes van de Netflixserie Narcos. Alle grote namen uit de Colombiaanse drugsgeschiedenis komen voorbij in Verbeeks boek.“Pablo Escobar, Gonzalo Rodríguez Gacha, de Ochoa’s, Carlos Lehder, de gebroeders Rodríguez Orejuela, het waren geen frisse jongens.”

In de media worden deze mannen met de term drugsbaron aangeduid. Dat suggereert onbewust iets heldhaftigs of nobels, maar de werkelijkheid is juist tegenovergesteld, legt Verbeek uit. “De basis van de drugskartels vindt zijn oorsprong in drie grote maffiakernpunten die in hun regio een criminele basis hebben gelegd: de gebroeders Rodríguez Orejuela uit Cali, Rodríguez Gacha met de illegale en gewelddadige business van de smaragdmijnen en het kartel van Medellín, dat voortkomt uit de smokkeleconomie van sigaretten en elektronische apparaten vanuit Panama.” Ethiek speelde geen rol. “Het verschil tussen legaal en illegaal maakte niet uit. Het zit in de paisa-cultuur van het departement Antioquia, sjoemelen, zakelijk risico’s nemen en de grens van illegaliteit overschrijden.” Daarnaast heeft Colombia een aantal voordelen. “De ligging van het land, de infrastructuur, de laksheid van de autoriteiten en het ondernemerschap van de Colombianen. Toen ze drugs gingen verhandelen, veranderde het product maar het bleef business as usual, alleen lucratiever en steeds gewelddadiger.”

Klopjacht

Aanvankelijk vond de cocaproductie plaats in Peru en Bolivia, waar cocapasta werd gemaakt, een halffabricaat. “Dat is in de jaren tachtig overgewaaid naar Zuid-Colombia. De eerste narco’s, ook Escobar, haalden hun cocapasta zelf uit Bolivia, die is 40 procent puur. Van de cocapasta maakten ze in laboratoria base de cocaïna, 90 procent puur.” Van de guerrillabeweging FARC en de paramilitairen wordt altijd gezegd dat ze in de georganiseerde drugshandel zitten, maar hun rol is bescheiden, volgens Verbeek. “Beiden vormen een schakel in de keten van de drugshandel. Ze verwerkten cocapasta tot cocaïne en verkochten die aan tussenpersonen die in contact stonden met de Mexicaanse kartels.”

De situatie verschilt nu totaal van vroeger, meent Verbeek. “Het Medellínkartel en het Calikartel hadden alle schakels van het proces in handen. Van de cocaproductie en –laboratoria tot het binnenlandse en buitenlandse transport en zelfs de distributie op de Amerikaanse markt. Ze hadden overal vertegenwoordigers zitten.” Het Medellínkartel viel uiteen toen Escobar in 1993 na een maandenlange klopjacht werd gedood door de politie. Bij het Calikartel ging het verval geleidelijker. “Op een gegeven moment leverden ze drugs aan de Mexicanen en die exporteerden het naar de Verenigde Staten. Daardoor gaf het Calikartel de macht uit handen. Met de gevangenneming van de bazen in 1995 en hun uitlevering aan de VS in 2004 is het Calikartel ingestort. Daarvoor in de plaats kwam Norte del Valle, een groot kartel, maar niet meer zo’n geoliede machine als daarvoor. De Mexicanen vormen nu de grootste kartels ter wereld.

Omkoping

Het landschap en de structuur van de handel zien er anders uit. De manier van zakendoen is veranderd. “Qua transportroutes hadden de drugsbazen in de hoogtijdagen hun eigen vliegtuigjes die op en neer vlogen. Tegenwoordig doen de kartels aan outsourcing, ze hebben niet alle handelingen zelf in handen.” Een veelgebruikte methode is het verstoppen van drugs in legale handel, zoals een lading tropisch fruit, vooral in containerschepen. Het aantal containers dat wereldwijd vervoerd wordt is zo groot, dat is bijna oncontroleerbaar. Bovendien is het in havensteden als Barranquilla of Cartagena relatief makkelijk om douanepersoneel om te kopen. Als legale handelaar heb je geen controle op de verzending van jouw handelswaar. Ze doen zonder je medeweten drugs in de container en zo komt het op de plaats van bestemming.”

Ook de manier waarop drugsbazen zich manifesteren, is veranderd. “Vroeger waren ze bekend, wilden ze overal de baas over spelen en schuwden ze de aandacht niet. Tegenwoordig willen ze in de luwte blijven.” De hernieuwde aandacht nu voor Escobar en consorten heeft te maken met de populaire televisieserie Narcos, waarover Verbeek kritisch is. “Ik vind het echt niet goed. De historische lijn wordt ruim geïnterpreteerd, het is niet waarheidsgetrouw en gooit jaartallen door elkaar. Tja, het is natuurlijk een fictieverhaal. Maar personages zijn ongeloofwaardig en slecht gekarakteriseerd, zijn moeder en zijn vrouw bijvoorbeeld. En Galán, de presidentskandidaat die in opdracht van Escobar is vermoord omdat hij campagne voerde voor uitlevering aan de VS, wordt maar even opgevoerd. Van zo’n belangrijke, heldhaftige man met goede ideeën zou je juist een goede rol kunnen maken.”

Flauwe karakters

In Narcos zit volgens Verbeek te veel onwerkelijkheid in de enscenering. “De sicarios, huurmoordenaars, waren in werkelijkheid veel erger dan in de serie. Mensenlevens telden niet voor sicarios. In Narcos zie je normale personen. Ze hadden de serie nog sensationeler kunnen maken, maar die werkelijheid van toen vatten ze niet. Hetzelfde geldt voor het terrorisme. Er ontploft wel eens een bom in de serie, maar destijds leefde iedereen onder de terreur van de bommen. Dat komt niet geloofwaardig terug in de serie. Kijkers zien die psychische terreur niet." Escobar wordt gespeeld door de Braziliaan Wagner Moura. “Op zich een aardige rol, maar in de Colombiaanse serie El patrón del mal wordt Escobar veel beter vertolkt door de Colombiaanse acteur Andrés Parra. Bovendien kloppen daar de setting, de sfeer en de karakterisering van de personages helemaal.”

Natuurlijk kun je stellen dat Verbeek wordt ‘gehinderd’ door te veel kennis en dat de relatief blanco kijker in de VS of Europa  dat allemaal niet zal opvallen. Maar dat maakt de kritiek niet minder terecht, vindt Verbeek. “Die twee DEA-agenten in de hoofdrol zijn flauwe karakters. Ze binden de strijd aan met Escobar, terwijl de DEA (drugsbestrijdingsorgaan van de VS) altijd een vrij marginale rol heeft gespeeld. Nu lijkt het net alsof de DEA en de Amerikaanse ambassadrice de lakens uitdeelden. Zo was het natuurlijk niet. Ze hebben vooral financiële en technische steun gegeven in de jacht op Escobar.”

Verkliksysteem

Terug naar de realiteit. De war on drugs is ingezet in de jaren zeventig van de vorige eeuw onder de Amerikaanse president Nixon. Wat is het resultaat? “Er is niets veranderd. In al die jaren is de hoeveelheid verhandelde cocaïne bijna gelijk gebleven, ondanks alle repressie.” Zelfs uitlevering aan de VS heeft zijn afschrikwekkende effect verloren, volgens Verbeek. “Dat klinkt tegenstrijdig. Maar ze sluiten vaak deals, want de Amerikaanse justitie is gebaseerd op het verkliksysteem. Drugsbazen kunnen een goede deal sluiten als ze een ander verklikken en bezittingen opgeven. Dan krijgen ze een relatief lage gevangenisstraf en zijn ze ervan af. Er zijn drugsbazen die liever een deal sluiten met de Amerikaanse dan met hun eigen justitie.”

“Escobar was bereid om het hele land op z’n kop te zetten om niet uitgeleverd te worden. Tegenstanders van uitlevering zeiden dat Colombia haar soevereiniteit opgaf. Bij sommige mensen was dat oprecht, maar er zaten ook mensen bij die het vanuit eigenbelang zeiden. Drugsbazen kochten journalisten of mediapersonen om om dat te zeggen. Uitlevering is een noodzakelijk kwaad.” Nu speelt de kwestie met de Mexicaanse drugsbaas El Chapo Guzmán (foto). “Weet je wat het probleem is met uitlevering? Stel je voor dat hij wordt uitgeleverd. Dan zit hij de rest van zijn leven in de gevangenis, prima. Maar de Amerikanen kunnen al zijn rijkdommen confisqueren, hem gebruiken als verklikker voor andere drugshandelaren. Die voordelen gaan dan naar de Amerikaanse justitie. Dat geef je als land vrijwillig op, omdat je niet in staat bent om zo’n man in de gevangenis te houden.”

Pessimistisch

“Colombia moet ervoor zorgen dat justitie op orde is, maar justitie én politiek zijn hopeloos corrupt. Wat dat betreft is er niets veranderd. Vroeger in de tijd van het Medellínkartel en Calikartel was corruptie opzichtiger. In de regionale politiek wordt geen enkele campagne met alleen legaal geld gevoerd. Wie zorgt er voor financiering? Drugsbazen of personen gelieerd aan criminele bendes, paramilitairen of mensen uit de illegale mijnbouw. Die zijn rijk en steunen politici. Die hebben nooit een probleem gehad met dubieus geld. Vanaf het moment dat een politicus geld aanneemt van een crimineel, is hij niet meer vrij om te beslissingen te nemen. Paramilitairen hebben een derde, misschien wel de helft van de gemeentes in het noorden van Colombia in hun macht gekregen. Ze financierden de campagnes van politici en eisten sleutelposities in gemeenten of departementen. Zo spelen ze contracten door naar eigen bedrijven of bevriende relaties en zijn ze betrokken bij witwasoperaties.”

Ik denk dat corruptie een groter probleem is dan de drugshandel op zich. Drugshandel is een van de vele criminele activiteiten in Colombia. Democratische instellingen zijn zo zwak en politici zo cliëntelistisch. Dat blijft allemaal in stand, omdat het systeem gesmeerd wordt met illegaal geld. De structuur moet verbeterd worden. Als je de drugshandel zou oplossen, dan nog zou je allerlei problemen houden.” 

Hoe moet dit ooit goed komen? “Eerlijk gezegd ben ik er best pessimistisch over. In Colombia zijn bepaalde sectoren fantastisch. Het bedrijfsleven bijvoorbeeld doet het relatief goed. Colombiaanse multinationals kopen tegenwoordig bedrijven op en banken zijn actief in Midden-Amerika, energiebedrijven gaan naar Brazilië. Dat gaat goed. Maar er zit een rem op door het corrupte, cliëntelistische politieke systeem. Iedereen zegt dat het onderwijs moet verbeteren. Dat is natuurlijk wel zo, maar dat heeft pas effect op de lange termijn.”

Nico Verbeek, Het kartel van de narcos, Just Publishers, Meppel, 2016, ISBN 9789089754714, 256 pag., €18,95

Verbeek schreef ook Ingrid Betancourt. De vrouw die president wilde worden (2013) en Eigen doelpunt. Voetbal en maffia in het Colombia van Pablo Escobar (2014).

De serie El patrón del mal is onlangs ook op de Nederlandse markt uitgebracht. Binnenkort leest u daarvan een recensie op onze website.

Bookmark and Share

Bekijk ook


Terug