Zuid-Amerika Midden-Amerika Cariben

La Chispa is dé website voor liefhebbers van Latijns Amerika. Journalistiek, betrokken, informatief, scherp. Een interactieve community met echte chispa: levendig en met passie.

Kunst & Cultuur

Goud kun je niet drinken

Vrijheid van meningsvorming en van nieuwsgaring in Peru

Datum : 12/11/2015
Auteur : Frank Bron
Land : Peru

Goud kun je niet drinken

Bij het recht op vrijheid van meningsuiting wordt meestal gedacht aan de vrijheid om te zeggen wat je wil en aan het verspreiden van het geschreven woord in druk of in digitale media. Maar cultuuruitingen als theater of film vallen ook onder dit recht. Bovendien hebben mensen het recht op vrije nieuwsgaring en meningsvorming. Dit alles moet natuurlijk wel mogelijk gemaakt worden: bij papierschaarste, gebrekkige toegang tot het internet of conservatieve theaterdirecteuren wordt het uitoefenen van deze rechten belemmerd. Een voorbeeld uit Peru.

De vrijheid van meningsuiting kan in Peru slechts ingeperkt worden ter bescherming van de staatsveiligheid, openbare orde of “ter bescherming van de geestelijke gezondheid van kinderen en jongeren”. Aan de andere kant zijn mediamonopolies, oorlogspropaganda en haatzaaien uitdrukkelijk verboden. De huidige overheid voert een actief beleid ter ondersteuning van informatievoorziening – zo kreeg een kritische documentaire (zie kader onderaan) recentelijk tot twee keer toe een belangrijke prijs van het ministerie van Cultuur.

 

Droom

Het recht op vrijheid van meningsuiting staat in Peru dus niet ter discussie en bovendien hebben Peruanen een ruime keus uit (al dan niet digitale) kranten en tijdschriften, artistieke producties en sociale netwerken, zonder dat er door de overheid of anderen actief gestuurd wordt op inhoud. Toch vallen bij deze vrijheden nog wel wat kanttekeningen te plaatsen. Zoals in meer landen, is de nieuwsvoorziening niet voornamelijk bedoeld als voorlichting, maar ook als ‘product’. Dat wil zeggen, nieuws wordt niet alleen verspreid als het ‘belangrijk’ is maar vooral als het ‘verkoopt’. Als inkomsten een grote rol gaan spelen bij de verspreiding van nieuws, kan berichtgeving over aantrekkelijk nieuws ten koste gaan van moeilijker onderwerpen. Dit geldt des te sterker als de verspreiding van nieuws afhankelijk is van losse verkoop en van advertenties: in Peru zijn vaste abonnees voor de media welhaast een droom en ze kunnen de advertentie-inkomsten feitelijk niet missen. Zeker als de belanghebbenden achter de mediabedrijven ook belangen hebben als adverteerder, kan het moeilijk worden kritische artikelen over bedrijven of ontwikkelingen te publiceren.

 

Geen monopolie

Zonder vrijheid van meningsuiting en vrije media, kan er geen sprake zijn van vrijheid van meningsvorming en dus van democratie. Hoewel Peruanen kunnen kiezen uit zo’n 100 uiteenlopende kranten- en tijdschriftentitels, kiest 78 procent van de lezers een titel aangeboden door één bedrijf: de El Comercio-groep die in 2013 ontstaan is uit een fusie van de twee grootste mediabedrijven van het land. Het is geen monopolie (verboden in de grondwet), maar komt aardig in de buurt van een eveneens verboden posición dominante (overheersende positie) van één aanbieder. Daarom heeft een aantal kleinere media onder aanvoering van Gustavo Mohme, directeur van de krant La República, de concurrentie aangeklaagd met een beroep op de grondwet. Hoe dit beroep uit zal pakken, is op dit moment nog niet bekend en hoewel de overheid terughoudend zal zijn met ingrijpen in de mediasector, stelt ze wel de kaders waarbinnen de media opereren.

 

Emoties

Ingrijpen in de nieuwsvoorziening hoeft dus niet alleen een gevolg te zijn van economische overwegingen, ook politieke belangen kunnen een rol spelen om de vrijheid van meningsuiting in te perken. Zo werd eind 2010 in de Limeense deelgemeente San Isidro, na eerdere toestemming, een tentoonstelling van de ‘sjaal van de hoop’ (die aandacht vroeg voor de 15.000 verdwenen personen ten tijde van de Peruaanse burgeroorlog) in een overheidsgebouw verboden omdat deze politiek ‘niet neutraal’ zou zijn. Angst voor protesten tegen een overheid die uitsluitend geïnteresseerd zou zijn in het scheppen van een gunstig investeringsklimaat, won het op dat moment van de emoties van slachtoffers uit het recente verleden en de installatie moest afgebroken worden. De ruim 1 kilometer lange sjaal, inclusief Nederlandse bijdragen, werd later elders zonder enig probleem alsnog tentoongesteld.

 

Modder gooien

Net als in andere landen in de regio is er in Peru sprake van een groeiende polarisatie tussen voorstanders van snelle economische groei en tegenstanders van ‘groei tegen elke prijs’. In aanloop naar de nationale verkiezingen in 2016 zijn de standpunten zich nu al aan het verharden en is het modder gooien begonnen. Ondanks dat ‘haatzaaien’ bij wet verboden is, trekken conservatieve media vaak alle registers open om tegenstanders van grootschalige economische projecten zwart te maken of lastig te vallen, vaak met medewerking van overheidsdiensten. De economische en politieke elites van Peru hebben veel onderlinge banden. Hierdoor kan bijvoorbeeld een ondernemer met contacten in de politiek en bij de media makkelijker voor de eigen belangen op kan komen dan een activist of arme boer zonder die contacten, ook al staan zij in hun recht.

 

Walcheren

Een concreet voorbeeld is te vinden in de buurt van Cajamarca, in het noorden van het land. Hier bevindt zich de Yanacochamijn, waar in dagbouw grote hoeveelheden goud gewonnen worden. Deze mijn is een gigantisch gat groter dan Walcheren, en is naar verluid de één-na-grootste goudmijn ter wereld. Ze is grotendeels in handen van de Amerikaanse Newmont Mining Corporation en levert sinds 1993 veel werkgelegenheid en inkomsten voor de Peruaanse staat op. Tegelijkertijd is ze onderwerp van aanhoudende controverses. Tegenstanders leggen de nadruk op het gebruik van het gevaarlijke natriumcyanide voor de winning van het goud, met veel milieuschade van dien. Steeds opnieuw is er namelijk sprake van bodemvervuiling en (drink)waterverontreinigingen en sterven de vissen in de nabije rivieren en meren. Dit leidt regelmatig tot conflicten, vooral tussen kleine boeren en Yanacocha, waarbij soms zelfs doden vallen. Tegenstanders van de mijn worden regelmatig gearresteerd, geïntimideerd en in de media geportretteerd als ‘radicale milieubeschermers’ of ‘onnozele vijanden van ontwikkeling’. Van hun kant beweren de tegenstanders dat de onderneming zowel de lokale bevolking als de rest van de wereld bewust verkeerd informeert over haar activiteiten en de mogelijke schade daarvan. Vanwege de afgelegen locatie was het lastig voor de Peruanen om zich een beeld te vormen van wat er in Cajamarca precies gebeurde of nog stond te gebeuren.

De protesten namen in omvang en hevigheid toe toen Newmont en haar Peruaanse partner Buenaventura voorbereidingen troffen om 24 kilometer verderop een andere goudmijn te openen; Conga. Met een waarde van 5 miljard dollar zou deze mijn de grootste buitenlandse investering ooit in Peru moeten worden. Tegenstanders vreesden echter voor nog ernstiger gevolgen voor het milieu dan bij Yanacocha al het geval is en stelden alles in het werk om de opening van de mijn te verhinderen. Demonstraties tegen de mijn vanaf 2011 raakten aan belangen van machtige bedrijven en personen en de reacties tegen de demonstranten waren hard: demonstraties werden door de politie met geweld uiteen gedreven en veel boeren hing gedwongen landonteigening boven het hoofd.

 

Documentaire over goudwinning

Daarom besloot Guarango films, dat zich toelegt op het produceren van films en documentaires over de economische ontwikkelingen in Peru, een documentaire te maken over het nationale ontwikkelingsmodel dat gebaseerd is op de exploitatie van grondstoffen, met als concreet voorbeeld het goud. Niet alleen naar aanleiding van de gebeurtenissen in Cajamarca, maar ook als bijdrage aan de discussie over het ontwikkelingsmodel van het land dat gebaseerd is op de exploitatie van grondstoffen. De goudwinning werd daarbij als concreet voorbeeld gebruikt.

Film- en theaterproducente Nuria Frigola Torrent was voor Guarango Films betrokken bij het maken van deze documentaire, getiteld La Hija de la Laguna (De dochter van het meer, zie kader) .Al snel werd het bedrijf echter ook  doelwit van de lastercampagnes van de voorstanders van de Congamijn, zo vertelt Frigola per e-mail vanuit Lima.

 

Radicale ecologist

Producer Ernesto Cabellos werd in rechtse media afgeschilderd als ‘radicale ecologist’ en net als gebeurde bij protesten tegen de Yanacochamijn, kregen vooral de inheemse omwonenden al gauw het etiket ‘domme tegenstanders van de vooruitgang’ opgeplakt. Pesterijen en intimidaties in de buurt van de Congamijn namen toe. Subsidies van het ministerie van Cultuur voor de film waren voor enkele nationale televisiezenders en andere media aanleiding zelfs de minister herhaaldelijk te beschuldigen van subversieve activiteiten. Om de veiligheid van medewerkers, activisten en de plaatselijke bevolking zo veel mogelijk te garanderen, werkte Guarango tijdens het draaien van La Hija de la Laguna nauw samen met nationale mensenrechtenorganisaties. Geen overbodige luxe volgens Frigola, want de politie kan gewoon gecontracteerd worden door het mijnbouwbedrijf om mensen van hun land te zetten of demonstraties te ontbinden!

Het feit dat een privébedrijf legaal overheidsdiensten kan inzetten tegen de bevolking, of dat media zich laten lenen voor propaganda voor grote bedrijven is zorgelijk. Dat een ministerie echter subsidie verleent aan een kritische documentaire is daarentegen, ook volgens Frigola, een teken van democratie.

Niet in de laatste plaats dankzij druk via sociale media eiste de regering een nieuwe Milieu Effect Rapportage voordat de ontginning van goud in de Congamijn van start kon gaan. Uiteindelijk hebben Newmont en Buenaventura in het najaar van 2014 de start van de ontginning van het goud, die gepland was voor dit jaar, uitgesteld. Op haar website kondigde Newmont een ‘water eerst’-beleid aan: “eerst zullen er waterreservoirs gebouwd worden voor de stroomafwaarts gelegen gemeenschappen”. De financiële belangen voor het bedrijf zijn echter te groot om het project in z’n geheel af te blazen.

 

Prinsjesdag

Gezien het commerciële karakter van de mediabedrijven en de verwevenheid met andere sectoren vertrouwen veel Peruanen niet meer op de traditionele berichtgeving. Ze gaan veeleer af op wat ooggetuigen via sociale media melden. “Claro”, schrijft Frigola, “je moet wel zelf een selectie maken uit het nieuwsaanbod, maar in elk geval lees je dan wat je vrienden je aanbevelen of lees je artikelen van journalisten die je vertrouwt.” Zelf vertrouwt ze op het digitale tijdschrift lamula.pe, met eigen journalisten en goede bloggers zoals Paola Ugaz. Daarnaast bekijkt ze regelmatig de buitenlandse media die over Peru berichten. Ze geeft het voorbeeld van de verkiezingen van 2011, toen volgens de landelijke media de conservatieve Keiko Fujimori voor zou liggen in de peilingen. Pas toen de BBC berichtte dat het in werkelijkheid de progressievere Ollanta Humala was die de meeste stemmen zou gaan trekken en Peruaanse sociale media dat bericht overnamen, begrepen de Peruanen dat ze een bepaalde richting uit geduwd werden.

Toch is niet alles ‘fout’ aan de traditionele media, geeft ook Frigola toe. Sommige artikelen geven een interessant beeld van bepaalde situaties en de krant La República blijft volgens haar een betrouwbare bron van informatie, ondanks dat inmiddels 50 procent van de aandelen in handen is van het bedrijf achter El Comercio. La República verspreidt bovendien regelmatig andersoortige informatie als bijlage naar haar lezers zoals kritische documentaires.

Nationale kranten, televisie en het internet zijn in heel Peru beschikbaar. De toegenomen digitalisering heeft het daarnaast niet alleen eenvoudiger gemaakt om aan informatie te komen, maar ook om informatie aan te bieden, eventueel rechtstreeks overgenomen uit buitenlandse media. Samen met het feit dat in 2014 al ruim drie kwart van de bevolking toegang had tot een smartphone (20 procent bezat er een), is de belangstelling van de Peruanen voor ontwikkelingen buiten de eigen stad, streek of land flink toegenomen. Zodoende kon het hele land zich een mening vormen over wat er gebeurde rond de Congamijn, iets wat tot voor kort onmogelijk was geweest, maar konden de lezers van El Comercio in september dit jaar ook zien dat de paarden op het strand van Scheveningen weer oefenden voor Prinsjesdag.

Meer lezen over de Conga mijn.

Lees ook ons artikel over Persvrijheid in Haïti.

 

La Hija de la Laguna: documentaire over de maatschappelijke keuze tussen goud voor de rijken of water voor de armen.

Deze documentaire volgt Nélida, een vrouw uit de Andes die zichzelf de dochter van een meer voelt. Onder het meer liggen grote goudvoorraden en om dat goud te ontginnen dreigt een mijnbedrijf het meer te verwoesten. Nélida kan met de geesten van het water spreken èn gaat rechten studeren. Ze gebruikt die kennis om de boeren bij te staan die bang zijn hun drinkwater kwijt te raken aan wat de grootste goudmijn van Zuid-Amerika moet worden. Een interessante rol speelt een Amsterdamse sierradenontwerpster die naar Peru reist om te kijken hoe ‘eerlijk’ het goud is dat ze gebruikt. Ze is geschokt als ze ziet onder welke afschuwelijke omstandigheden haar luxe grondstof geproduceerd wordt en keert teleurgesteld naar Nederland terug. “Tot op zekere hoogte hebben we allemaal bloed om onze nek hangen.” La Hija de la Laguna draait sinds augustus 2015 in Peruaanse bioscopen en krijgt veel lovende kritieken

De dochter van het meer | Ernesto Cabellos Damián | april 2015 | 87min | taal  Spaans | Engels of Frans ondertiteld | Trailer

Bookmark and Share


Terug