Zuid-Amerika Midden-Amerika Cariben

La Chispa is dé website voor liefhebbers van Latijns Amerika. Journalistiek, betrokken, informatief, scherp. Een interactieve community met echte chispa: levendig en met passie.

Economie & Ondernemen

Honduras: water of goud, wat is meer waard?

Datum : 14/01/2014
Auteur : Nick Middeldorp
Land : Honduras

Honduras: water of goud, wat is meer waard?

Bijna een derde van het Hondurese grondgebied is naar schatting opengesteld voor mijnbouw. Een actieve anti-mijnbouwbeweging verzet zich tegen de plundering van de natuurlijke rijkdommen en tegen de watervervuiling. Maar verzet is niet zonder gevaar. 

De mannen zitten in een kring, de gesteldheid van hun rundvee besprekend. Hun echtgenotes zitten even verderop, op de veranda, en zijn druk bezig met het sorteren van geschikte bonen voor de maaltijd. Wanneer de boeren zijn uitgepraat, tref ik don Pedro, een man van status in het dorp. Hij leidt me door het boerengehucht nabij de Guatamalteekse grens, om uiteindelijk te pauzeren in het veld waar hij zijn maïs en bonen verbouwt. Maar het terrein is niet langer van hem. Het gehele dorp, inclusief de landbouwgrond eromheen, is door de overheid ter beschikking gesteld als mijnbouwconcessie aan het Hondurese mijnbouwbedrijf Cantera Peña Blanca. 

Zoals in meerdere Latijns-Amerikaanse landen probeert ook de Hondurese regering de mijnbouw te promoten. “We hebben geen akkoord met het Internationaal Monetair Fonds”, vertelt de directeur van INHGEOMIN, het staatsinstituut dat de dubbele taak heeft de mijnbouw te reguleren en te promoten. “Alleen de mijnbouw kan genoeg geld opbrengen om de grote buiten- en binnenlandse schuld af te betalen.” Hij spreekt de de hoop en verwachting uit dat de mijnbouw uitgroeit tot de grootste industrie van het land.

Plundering

De nieuwe mijnbouwwet van april 2013 is opgesteld met input van de Canadian International Development Agency en moet de deuren openen voor de industrie. Canada is het thuisland van ’s werelds grootste transnationale mijnbouwbedrijven, zoals GoldCorp en Barrick Gold, wat zijn stempel zet op het Canadese officiële ontwikkelingsbeleid. Officiële cijfers zijn niet openbaar, maar naar schatting is meer dan 30 procent van het Hondurese grondgebied ter beschikking gesteld aan de mijnbouwindustrie. Zowel nationale als internationale bedrijven bezitten concessies, maar met name de Canadese en Chinese belangen zijn groot. 

Een speciale taza de seguridad (veiligheidsbelasting), betaald door de mijnbouwindustrie, wordt geïnvesteerd in het leger en de nieuwe militaire politie. Die moeten vrede brengen in een land waar het moordcijfer gestegen is van 32 per 100.000 inwoners in 2004 naar 91.6 per 100.000 inwoners in 2011, volgens cijfers van de United Nations Office on Drugs and Crime (UNOCD, 2012). In televisiespots wordt de mijnbouw gepresenteerd als motor van vooruitgang en als redding van Honduras, dat door armoede, geweld en corruptie geteisterd wordt. 

Het extractiemodel wordt echter betwist door een actieve anti-mijnbouwbeweging, bestaande uit lokale en nationale sociale bewegingen, milieucomités en mensenrechtenorganisaties. Ze verzet zich tegen wat ze beschouwt als een neokoloniale plundering van de rijkdommen van Honduras, tegen de waterverontreiniging die rurale gemeenschappen treft en tegen het geweld waarmee getroffen gemeenschappen de mond wordt gesnoerd. Onder het bewind van president ‘Mel’ Zelaya (2006 – 2009), die zich in politiek linkse richting ontwikkelde, had de anti-mijnbouwbeweging aanzienlijke bewegingsruimte. Zo werd de toenmalige mijnbouwwet onconstitutioneel verklaard en werd een halt toegeroepen aan het verlenen van nieuwe concessies. Op 28 juni 2009 werd Zelaya door een militaire coup verdreven en vervangen door interim-president Roberto Micheletti. Onder diens bewind en onder de eind 2013 gekozen president Juan Orlando Hernández van de conservatieve Nationale Partij heeft de mijnbouwindustrie opnieuw vrij spel. 

Huurmoordenaars 

Don Pedro heeft een lokaal milieucomité gevormd en verzet zich tegen de dreiging die de mijn vormt voor de lokale landbouw en het drinkwater van de  inwoners van het dorp, dat ontspringt op de berg die afgegraven wordt. De eigenaar van het mijnbouwbedrijf staat lokaal bekend als een machtige drugsbaron die zich niet zomaar laat dwarsbomen: don Pedro’s oudste zoon is ontsnapt aan een moordaanslag en heeft uit angst zijn dorp verlaten. De boer is echter vastberaden en zet de strijd voort: het bedrijf heeft geen recht om te ontginnen zonder de wettelijk verplichte consulta (overleg) met de gemeenschap. 

Deze situatie vormt geen uitzondering. In het dorpje Nueva Esperanza nabij de stad Tela, waar de lokale bevolking zich aanvankelijk verzette tegen het mijnbouwproject Sociedad Mercantil la Victoria, besloten mensen hun grond te verkopen  nadat bewapende mannen al schietend het dorp introkken en bewoners uit hun huis verjoegen. In het departament Colón, waar veel Chinese mijnbouwconcessies zijn, hebben activisten zich teruggetrokken na herhaalde doodsbedreigingen van huurmoordenaars. Ook de dorpen waar drugskartels mogelijk verweven zijn met de mijnbouw, durft men niet in. In San Francisco de Locomapa, een inheems dorp van het Tolupanvolk, zijn in augustus drie demonstranten omgekomen, toen ingehuurde schutters het vuur openden op hun wegblokkade. Die was bedoeld  om de houtkap en de ontginning van antimonium, een zeldzaam metaal dat onder andere in sensoren wordt toegepast, in hun grondgebied tegen te gaan. 

Tortilla’s 

Toch slaagt men er soms in om de vestiging van een mijnbouwbedrijf te voorkomen. Aangespoord en ondersteund door de anti-mijnbouwbeweging nemen verschillende gemeenschappen preventieve stappen en eisen van de lokale overheid dat hun gemeente vrij van mijnbouw verklaard wordt. Bij gebrek aan politieke speelruimte op nationaal niveau is dit nog de meest succesvolle strategie gebleken. 

Het wordt ondertussen donker en we lopen naar don Pedro’s zelfgebouwde huis, waar ik de komende nacht logeer. Kippen, ganzen, varkens, katten en honden scharrelen rond, een kalf ligt te luieren voor de voordeur. Don Pedro’s tienjarige zoontje neemt me mee de tuin in. Hij laat me de planten zien en vertelt welke medicinale toepassingen ze hebben. Na een maaltijd van tortilla’s, bonen, crѐme, verse kaas en avocado gaat het licht uit. Morgen moeten we om zes uur ’s ochtends  op.

Horizon 

Te voet vertrekken we naar een nabijgelegen dorp om de mijnbouwkwestie, die ook in andere dorpen speelt, te bespreken met het patronato, de regionale gemeenschapsleiders. Op weg laat don Pedro me de waterbron zien. Het water ontspringt hier uit de groene heuvel en loopt via een zelfgemaakte pijpleiding naar de gemeenschap. “Dit water is meer waard dan ijzer en meer waard dan goud”, zegt don Pedro. “Geen water, geen leven. Maar het kost mensen om dat te leren.” 

We vervolgen onze weg als er plotseling een motor langsrijdt over het modderige pad, enkele minuten later gevolgd door een met mensen volgeladen pick-up truck. Indocumentados, illegalen op weg naar de Verenigde Staten om de Amerikaanse droom te achtervolgen. Ze worden ook wel mojados (natten) genoemd, vanwege de rivier die ze moeten doorkruisen om de grens van Mexico met de VS over te steken. Ze hebben nog een lange weg te gaan door Guatemala en Mexico. We vinden een zakje met wit poeder in de bosjes langs het pad. Cocaïne. Naast mensensmokkelaars maken ook drugssmokkelaars gebruik van deze route naar het noorden. 

Don Pedro en ik doorkruisen bossen en riviertjes. We hebben uitzicht op de groene heuvels die de horizon vullen. Ik geniet van het landschap en de kalmte die het uitstraalt; velden met grazende koeien, landbouwgrond met koffie, tabak, maïs en bonen. Alles kan verdwijnen omwille van de materialen die onder de oppervlakte rusten: goud, zilver, antimonium, ijzer en andere metalen. “Water is meer waad dan goud”, is de leus van de anti-mijnbouwbeweging. Helaas voor hen moeten ze de confrontatie aangaan met machtige spelers die hier anders over denken. En wie geld en wapens heeft, krijgt doorgaans gelijk in Honduras.

 
 
 
Bookmark and Share

Bekijk ook


Terug