Zuid-Amerika Midden-Amerika Cariben

La Chispa is dé website voor liefhebbers van Latijns Amerika. Journalistiek, betrokken, informatief, scherp. Een interactieve community met echte chispa: levendig en met passie.

Kunst & Cultuur

Los Altos

Een vergeten en vergeven staat binnen Guatemala

Datum : 11/10/2018
Auteur : Marjolein Keijsper
Land : Guatemala

Los Altos

In 1520 verloor Mayaleider Tecún Umán, tegenwoordig vereerd als een Guatemalteekse nationale held, bij de stad Xelajú de legendarische slag tegen de Spaanse veroveraar Pedro de Alvarado. De naam van de stad werd veranderd in Quetzaltenango zoals de inheemse bevolking Xelajú noemde. Uiteindelijk strekte het koloniale Vice-koninkrijk Nieuw-Spanje zich uit van het hedendaagse Costa Rica tot ver in wat tegenwoordig de Verenigde Staten zijn. De hoofdstad van dit Vice-koninkrijk was Mexico-stad, maar Midden-Amerika werd bestuurd vanuit Guatemala. Eerst was Antigua de hoofdstad en na een vernietigende vulkaanuitbarsting daar werd het in 1775 Guatemala-stad.

Nationale feestdag

De Spaanse kolonisatie duurde drie eeuwen. In deze periode verdienden ‘nieuwe rijken’ goed geld. Deze lokale elite van blanken en mestiezen wilde de Spaanse Kroon niet langer spekken en verklaarde zich in 1821 onafhankelijk. Nog steeds viert Midden-Amerika gezamenlijk deze onafhankelijkheid; 15 september is de nationale feestdag van Costa Rica, El Salvador, Guatemala, Honduras en Nicaragua. Deze vijf landen vormden - naar het model van de VS in het noorden - de Verenigde Staten van Midden-Amerika, al snel de Federale Republiek van Midden-Amerika geheten (1823-1839).

In 1830 werd de liberale Francisco Morazán tot president van deze Federale Republiek gekozen. Met zijn hervormingen, zoals persvrijheid, godsdienstvrijheid en afschaffing van de slavernij riep hij veel weerstand op van conservatieve grootgrondbezitters en de katholieke kerk. Morazán benoemde in 1831 zijn politieke geestverwant Mariano Gálvez tot staatshoofd van Guatemala. Ook diens hervormingen werden tegengewerkt. De conservatieve landeigenaren waren niet bereid hun politieke en sociale macht op te geven en saboteerden de nieuwe orde. In 1837 werd het land getroffen door een zware cholera-epidemie. Dit leidde samen met de strijd om de hervormingen en hoge belastingen tot een crisis. In 1838 moest Gálvez aftreden.

Vlag

Deze politieke chaos van de strijd tussen liberalen en conservatieven, versterkt door de cholera, bood kansen voor de inwoners van Quetzaltenango. Al sinds het koloniale tijdperk waren er spanningen tussen Quetzaltenango en Guatemala-stad. De Altensers (bewoners van de hooglanden, zoals die van Quetzaltenango) voelden zich onrechtvaardig behandeld door de Capitalinos (bewoners van de hoofdstad) die een monopolie hadden op de handel met Spanje. Quetzaltenango, dicht bij de Mexicaanse grens gelegen, maakte gebruik van de politieke situatie en verklaarde zich op 2 februari 1838 onafhankelijk van Guatemala-stad.

Samen met vier andere gebieden – Soconusco, Totonicapán, Suchitepéquez en Sololá – stichtte Quetzaltenango Los Altos. Op 5 juni 1838 erkende de Federale Republiek Los Altos als zesde staat naast de andere vijf staten. Los Altos had een eigen munt en een eigen vlag. De andere vijf staten hadden een vlag met een witte band tussen blauwe stroken: het land tussen de oceanen. De vlag van Los Altos bestond uit een blauwe, witte en rode baan. Hierop stond in het midden een wapen met onder andere een afbeelding van de Quetzal, een vogel die voor vrijheid staat. De beeltenis van de Quetzal is in 1871 van de vlag van Los Altos overgenomen op de nationale vlag van Guatemala.

Slechts twee jaar

Marcelo Molina Mata, aangewezen als gouverneur van Los Altos, begon in rap tempo het land te ontwikkelen, zodat het zelfstandig handel kon gaan drijven. De meerderheid van de bevolking bestond uit inheemsen. Tijdens de Spaanse overheersing hadden ze hun tradities behouden en ze verzetten zich ook tegen de nieuwe staat Los Altos. Daar had een kleine elite de macht in handen. De inheemsen gingen er eerder op achteruit dan vooruit en deden hun beklag in Guatemala-stad. De Guatemalteekse president Rafael Carrera viel Los Altos binnen en zo kwam op 2 april 1840 Los Altos weer onder leiding van Guatemala-stad, ingelijfd bij Guatemala. Carrera liet de leiders van Los Altos executeren. Mexico maakte gebruik van de chaos en wist Soconusco, een van de delen van Los Altos, onder controle te krijgen. Het onafhankelijke Los Altos had slechts twee jaar bestaan.

Tien jaar later, op 5 september 1848, verklaarde Los Altos zich wederom onafhankelijk van Guatemala, maar binnen twee maanden werd het weer onder Guatemalteeks bestuur gebracht. Dat belette Quetzaltenango niet om aan het einde van de 19de eeuw tot grote bloei te komen, als belangrijk centrum van (koffie)handel en cultuur. De haven Champerico aan de Stille Oceaan maakte het mogelijk de koffie te exporteren. Er kwamen handelaren uit Duitsland, Spanje en Italië. Deze Europese invloeden zijn nog steeds zichtbaar in de architectuur van de stad. Er werden standbeelden opgericht voor bekende schilders, dichters, schrijvers en componisten. Veel welgestelde Guatemalteekse families hebben hun rijkdom in deze tijd vergaard. In deze periode deed Quetzaltenango, met het rijke culturele leven en een prachtig theater in neoklassieke stijl, niet onder voor de hoofdstad Guatemala-stad.

In 1897 beleefde de stad de Quetzalteekse Revolutie, toen de stad in opstand kwam tegen president José María Reina Barrios, maar die opstand werd in een paar weken neergeslagen. Vijf jaar later, In 1902, werd al de rijkdom van Quetzaltenango in een klap weggevaagd door een aardbeving als gevolg van een uitbarsting van de vulkaan Santa Maria.

Geliefden

De stad verrees uit het puin, er werd zelfs een spoorweg (Los Altos) naar de kust aangelegd om de internationale handel te bevorderen. Geldschieters investeerden, architectonische elementen uit de periode van art nouveau en Jugendstil zijn nog steeds te zien. Later werd de stad romantisch bezongen in een wals Luna de Xelajú, gecomponeerd door Paco Pérez. En Vanushca, een op jonge leeftijd aan een gebroken hart overleden zigeunerin, weet met haar magische krachten vanuit haar graf geliefden bij elkaar te brengen. Maar toch kreeg de stad zijn allure uit de bloeitijd niet terug.

Quetzaltenango, op 2350 meter hoogte geleden in een van de dichtst bevolkte gebieden van Guatemala, is de ´tweede´ stad van het land. Symbolen van de breekbare relatie tussen de centrale overheid in de hoofdstad en de trotse Quetzaltekers zijn nog steeds voelbaar en zichtbaar. Zo wappert op het stadhuis de nationale vlag naast de vlag van stad - en dat is de vlag van de staat Los Altos. De voetbalclub heet Xelajú en de fans, superchivos (bokken) geheten, gebruiken ook de blauw-wit-rode driekleur.

Triomfboog

In 2006 werd in opdracht van burgemeester Jorge Barrientos (Mito) een triomfboog – de boog van de zesde staat Los Altos - gebouwd over de toegangsweg vanuit Guatemala-stad naar Quetzaltenango. Deze toegangspoort in neoklassieke stijl is een kopie van de boog gebouwd tijdens de Quetzalteekse Revolutie 1897, de opstand van korte duur en fel verzet tegen de hoofdstad. Die boog werd in 1950 in opdracht van de centrale regering vernietigd. De nieuwe triomfboog is een eerbetoon aan de moedige strijders van de Quetzalteekse revolutie en verwijst ook naar de periode waarin Quetzaltenango als hoofdstad van Los Altos zelfstandig was. Een aanzienlijk deel van het gemeentebudget van 2006 en 2007 ging op aan de bouw en werd niet besteed aan noodzakelijk onderhoud van bijvoorbeeld riolering en elektriciteitsvoorzieningen. Toch was Mito geliefd onder de lokale bevolking. Vorige maand zijn de ex-burgemeester, familieleden en nog een tiental personen uit zijn directe omgeving opgepakt vanwege verdenking van corruptie. 122 bouwcontracten zouden zijn toegewezen door onwettige commissies.

Deze bijdrage is onderdeel van de special ´Guatemala´

Bookmark and Share


Terug