Zuid-Amerika Midden-Amerika Cariben

La Chispa is dé website voor liefhebbers van Latijns Amerika. Journalistiek, betrokken, informatief, scherp. Een interactieve community met echte chispa: levendig en met passie.

Economie & Ondernemen

Medicijnen, ICT en een goed imago

Groeiende, maar nog beperkte, handel tussen Latijns Amerika en India

Datum : 26/02/2018
Auteur : Jan de Kievid

Medicijnen, ICT en een goed imago

Wordt handel met India Latijns Amerika’s Next Big Thing? Dat lijkt er nog niet op. Die handel is sinds 2000 flink gegroeid, maar loopt nog ver achter bij die met China. Bij de import uit India vallen auto’s, generieke medicijnen en ICT op. De verhoudingen met India lijken wel gelijkwaardiger dan met China. Misschien zullen mede daardoor de handelsbetrekkingen verder toenemen.

Bij handel tussen Latijns Amerika en Azië denkt iedereen meteen aan China. Maar rond 2000 ging het nog voornamelijk om Japan en Zuid-Korea; Latijns Amerika verhandelde drie keer zoveel met Japan als met China. Handel met India – met net als China ruim een miljard inwoners – was er nauwelijks. In vijftien jaar is de handel van China met het continent ruim vervijftienvoudigd. Voor India is dat zelfs ruim twintig keer, maar startend op een veel lager niveau.

Rond 2015 stagneerde de groei van de handel met beide Aziatische reuzen. Dat kwam vooral door het einde van de grondstoffenhausse die Latijns Amerika veel export en inkomsten had bezorgd. Met name de vraag uit China nam af, waardoor de grondstoffenprijzen daalden. In 2015 en 2016 kende Latijns-Amerika een economische krimp.

Nu het continent weer een beetje in de lift zit, is de verwachting dat de handel weer zal aantrekken. Ongeveer 15 procent van de Latijns-Amerikaanse buitenlandse handel is nu met China. Voor India ligt dat op ongeveer twee procent, in 2016 zo’n dertig miljard dollar. Dat is nog steeds iets minder dan de handel van het continent met zowel Japan als Zuid-Korea, landen met veel minder inwoners: 127 en 51 miljoen. Dertig miljard aan handel per jaar is nog niet veel voor een continent met zeshonderd miljoen inwoners en een land dat er twee keer zoveel telt. Voor India is deze handel van groter belang: vijf procent van de totale handel is met Latijns Amerika. Dat is overigens maar de helft van de handel met het veel armere, maar veel dichter bij gelegen Afrika.

Een miljoen nakomelingen

Veel Latijns-Amerikaanse landen zijn inmiddels behoorlijk afhankelijk geworden van China. Al in 2009 verdrong dat land de Verenigde Staten van de eerste plaats als de belangrijkste handelspartner van Brazilië. In 2015 ging 22 procent van de Latijns-Amerikaanse delfstoffenexport naar China. Van zo’n afhankelijkheid van India is nog geen sprake. Een uitzondering vormt het in diepe crisis verkerende Venezuela. In 2013 kwam bijna de helft van Latijns-Amerikaanse export naar India uit dat land. Het ging vooral om ruwe olie. Inmiddels is het exportaandeel van het nog steeds zeer instabiele Venezuela gedaald tot een kwart.

Tot voor kort waren er weinig contacten tussen India en Latijns Amerika. Ze liggen geografisch ver van elkaar (China ligt aan de Grote Oceaan een stuk dichterbij) en hebben geen oude koloniale banden. Vergeleken met Chinezen zijn maar weinig Indiërs naar Latijns Amerika gemigreerd. Er wonen ongeveer een miljoen nakomelingen van Indiërs in voormalige Engelse Caribische koloniën als Trinidad en Tobago, Jamaica en Guyana en in Suriname, die bij elkaar slecht zes miljoen inwoners tellen. Hun voorouders arriveerden daar in de negentiende eeuw als contractarbeiders. In de rest van Latijns Amerika gaat het om 23.000 mensen, dat is een op de 25.000 inwoners.

Medicijnen

Het economische snelgroeiende India heeft, net als China, behoefte aan grondstoffen en energie. Daarom ziet het handelspakket van beide landen er in grote lijnen hetzelfde uit. Volgens een oud koloniaal patroon exporteert Latijns Amerika vooral grondstoffen en andere primaire producten om daar industrieproducten voor terug te krijgen. Alleen zijn China en India geen voormalige koloniale mogendheden. India was zelf een kolonie en China was - behalve sommige kustgebieden – nooit gekoloniseerd.

De Latijns-Amerikaanse export naar India is twee keer zo groot als de import uit India. In 2016 was bijna de helft van de export ruwe olie, terwijl plantaardige olie, goud en edelstenen, koper en ruwe suiker ongeveer een derde van het totaal leverden. Vanuit India zorgen auto’s, waaronder tractoren, voor een derde van de export. Bijna een kwart van de totale Indiase auto-export gaat naar Latijns Amerika. De helft daarvan belandt in Mexico. Daarnaast zijn machines, chemische producten, ijzer en staal en kleding van betekenis in het Indiase exportpakket.

Een bijzondere plaats wordt ingenomen door Indiase medicijnen, voor zo’n 650 miljoen dollar. Dat is meer dan de Chinezen - met een veel grotere totaalexport - aan medicijnen naar Latijns Amerika uitvoeren. India is een koploper bij de productie van zogenaamde generieke medicijnen, die worden geproduceerd als de oorspronkelijke patenten zijn verlopen of – vaak na hevige conflicten - buiten werking gesteld. Daardoor worden ze goedkoper en dus voor meer mensen toegankelijk.

China investeert in Latijns Amerika veel in mijnbouw en neemt daarvoor op grote schaal Chinees personeel mee. Die mijnbouw heeft veelal ernstige milieueffecten en om zulke projecten door te zetten, oefent China vaak stevige druk uit op lokale overheden. India doet dit alles veel minder. Het investeert wel, maar op veel bescheidener schaal in vooral informatie- en communicatietechnologie.

Haven van Mundra

Volgens Rengaraj Viswanathan, voormalig Indiaas ambassadeur in Argentinië en Venezuela, die zich inzet voor de handel met Latijns Amerika, hebben Indiase bedrijven vergeleken met Chinese “een gunstig imago in Latijns Amerika”. In zijn bijdrage aan het boek Latin America and the Asian Giants schreef hij dat toe aan de farmaceutische en IT-bedrijven: “De Latijns-Amerikaanse regeringen en consumenten zijn blij met de Indiase farmaceutische bedrijven, die hen met goedkope generieke medicijnen helpen de kosten voor gezondheidszorg te verminderen. Ze waarderen ook dat Indiase IT-bedrijven 25.000 jonge Latijns-Amerikanen een baan hebben bezorgd. De sleutel tot dit positieve imago is dat Indiase bedrijven met lokale medewerkers en managers werken en niet veel Indiërs naar Latijns Amerika brengen om de bedrijven te leiden.” Zo is er onder de vijfduizend personeelsleden van de Argentijnse vestiging van het Indiase IT-bedrijf Aegis geen enkele Indiër.

India drijft handel met bijna vrijwel Latijns-Amerikaanse landen, maar net als bij de Chinees-Latijns-Amerikaanse handel zorgt een beperkt aantal landen voor het leeuwendeel. Zeventig procent van de handel is met vier landen: Brazilië, Mexico, Venezuela en Argentinië. In India is deze intercontinentale handel veel minder over het land verspreid. Ruim de helft – misschien zelfs ruim zestig procent - is met de westelijke deelstaat Gujarat, waar vijf procent van de Indiërs woont. Gujarat geldt als de economisch meest vrije deelstaat van het land, waar de overheid zich het minst met economische activiteiten bemoeit. Er zijn relatief veel moderne bedrijven, waaronder de grootste op een plek gevestigde olieraffinaderij ter wereld. Daar wordt de ruwe olie uit Latijns Amerika geraffineerd, en een deel van die olieproducten gaat weer terug die kant op. Gujarat kent Speciale Economische Zones, met zeer beperkte of afwezige arbeids- en vakbondsrechten. Aan een van die zones is de haven van Mundra verbonden, het grootste private havenbedrijf van India.

Slapende reus

De snelle groei van de handel tussen Gujarat en Latijns Amerika vond plaats toen Narendra Modi regeringsleider van die deelstaat was. Hij was de man van de verregaande liberalisering. Door de economische groei ligt het inkomen per hoofd in Gujarat een kwart boven het Indiase gemiddelde. Er verbeterde er nauwelijks iets aan armoede, gezondheid en onderwijs. De sociale ongelijkheid nam toe, slechts een klein deel van de bevolking profiteert van de toegenomen welvaart. Behalve door zijn sociaaleconomisch beleid is Modi, leider van de nationalistische hindoepartij BJP, omstreden wegens zijn mogelijke medeplichtigheid of minstens te laks optreden bij rellen tussen hindoes en moslims in Gujarat in 2002, waarbij meer dan duizend doden vielen. Sinds 2014 voert Modi als premier van het hele land een veel sterker vrije marktbeleid dan India ooit heeft gekend. Tegelijkertijd stimuleert hij verdeeldheid door het land helemaal voor de hindoes te claimen alsof zij de enige echte Indiërs zijn. Door zijn handelsbevordering geniet Modi bij regeringen en bedrijven in Latijns Amerika echter vaak een goede reputatie.

Het lijkt erop dat, zeker met Modi aan het roer, de ‘slapende reus’ India wakker is geworden en zich internationaal economisch sterker doet gelden. Al in 2010 gaf de Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank een rapport uit onder de titel India: Latin America’s Next Big Thing? Dat is het met twee procent van de handel nog niet, maar zou het misschien – nu de economie weer wat aantrekt – kunnen worden. De verhoudingen van Latijns Amerika met India worden als gelijkwaardiger ingeschat dan die met China, waarbij China meer overheerst. Door de negatieve houding van Trump tegen Latijns Amerika heeft het continent nu ook meer aandacht voor India. Het afblazen door Trump van het TTP (Trans Pacific Partnership) kan ook gunstig uitpakken. In dat verdrag zouden patenten extra worden beschermd, wat de handel in Indiase generieke medicijnen zou kunnen bemoeilijken. Het kan echter allemaal ook anders lopen. Maar als de handel groeit, valt te hopen dat de opbrengsten aan meer mensen dan nu ten goede zullen komen, zowel in Latijns Amerika als in India.

Kijk hier voor een overzicht van alle artikelen in deze special. 

Bookmark and Share


Terug