Zuid-Amerika Midden-Amerika Cariben

La Chispa is dé website voor liefhebbers van Latijns Amerika. Journalistiek, betrokken, informatief, scherp. Een interactieve community met echte chispa: levendig en met passie.

Milieu & Natuur

Op weg naar Rio 20+: klimaatverandering en Latijns-Amerika

Brandstofprijzen en de eenzaamheid van een Braziliaanse koe

Datum : 07/04/2012
Auteur : Frank Weijand
Land : Ecuador

Op weg naar Rio 20+: klimaatverandering en Latijns-Amerika

Triest, zo voelde Nicholas Stern zich, toen hij vanuit de lucht neerkeek op de overstroomde kuststreek van Ecuador. Volgens hem niets minder dan een effect van de opwarming van de aarde. De goeroe wat betreft de link tussen economie en klimaatverandering bracht vorige week een bezoek aan de Galapagoseilanden en de Ecuadoriaanse hoofdstad Quito om deel te nemen aan een conferentie met vooraanstaande milieudeskundigen uit Latijns Amerika.

Nicholas Stern is bekend vanwege zijn ‘Stern-rapport’,  gepubliceerd in 2006. Kernpunt van het rapport is dat er economisch veel minder te verliezen is door nu actie te ondernemen dan later, wanneer de gevolgen voor de economie en het milieu desastreus zijn. Aan de conferentie in Quito namen gedelegeerden mee uit Colombia, het Caribisch gebied, Mexico en Peru. Ecuador kwam met een grote delegatie onder wier de minister van Milieu, Marcela Aguiñaga, en de minister van Industrie, Verónica Sión de Josse.

“Daar kunnen veel geïndustrialiseerde landen een voorbeeld aan nemen”, aldus Stern. Volgens hem is het belangrijk dat het probleem grootschalig wordt aangepakt en niet alleen op het bordje van het departement milieuzaken ligt.  “Sinds 2009 wordt er meer samengewerkt tussen de verschillende ministeries in Ecuador op het terrein van  klimaatverandering”, zei Sión. Ook in Peru bestaat die samenwerking inmiddels, voegde Rosa Moralia Saravia van het Peruaanse ministerie van Milieu toe. “De ministeries van Milieu, Landbouw en Economie werken samen via het principe top down. Dat betekent dat in Peru de landelijke overheid het voortouw neemt. Maar provincies hebben al zo’n 50 procent van de maatregelen in eigen handen.”
 
Oude wagens

Gevraagd naar wat Ecuador zou moeten doen om de uitstoot van CO2 te verminderen, hield Stern zich op de vlakte. “Ik ben een gast in dit land en heb niet genoeg informatie om dat te kunnen beoordelen.” Minister Aguiñaga kon die vraag wel beantwoorden, zei het met lichte ergernis. “Laten we eerst stellen dat Ecuador slechts verantwoordelijk is voor 0.06 procent van de emissie van broeikasgassen wereldwijd. Ecuador’s grootste struikelblok is de slechte kwaliteit van de benzine en diesel die verkocht worden. Die gaan we vanaf deze maand verbeteren. Bovendien zijn met name bussen sterk verouderd en zorgen die voor veel vervuilende uitlaatgassen. We gaan een groene belasting invoeren op oudere auto’s.”

Volgens de minister van Industrie besteedt Ecuador nu zo’n 4 procent van het Bruto Nationaal Produkt aan de subsidies. Een heikel punt in het Stern-rapport, dat juist hamert op afschaffing van subsidies op alle fossiele brandstoffen. Volgens Stern wordt er wereldwijd zo’n driehonderd tot vijfhonderd miljard dollar besteed aan subsidies. Geld dat beter besteed is aan armoedebestrijding en innovatieve, schonere energie.

Het stopzetten van de subsidies is lastig in veel ontwikkelingslanden. “Het raakt de gehele bevolking, met name de armsten”, meent Aguiñaga. Een probleem van veel Latijns-Amerikaanse landen waar de bevolking sterk afhankelijk is voor haar transport van goedkoop en dus gesubsidieerd openbaar vervoer. Plannen tot verhoging van brandstofprijzen hebben in de afgelopen jaren tot grote stakingen geleid in landen als Peru en Bolivia, waarop de regeringen terugkwamen op hun besluiten.

Lichtpunten

Maar het is mogelijk. “In Mexico zijn de subsidies al fors omlaag gebracht”, aldus Elias Freig, coördinator  van de Mexicaanse Commissie voor Water die zich bezighoudt met klimaatverandering.  Freig is een fervent aanhanger van de Stern-module die ook Mexico omarmd heeft.  “In 2007 besteedde de regering bijna 196 miljoen dollar aan subsidies. Dat is nu nog de helft. Onze commissie brengt economen, wetenschappers, ecologisten en technici samen in één platform, we creëren een gemeenschappelijke taal.”

Ook Kenrick Leslie ziet lichtpunten, maar dan in het Caribisch gebied. Hij staat hier aan het hoofd van een vijftien landen tellend comité voor klimaatverandering. “In het Caribisch gebied, waar veel landen eilanden zijn, is de stijging van de zeespiegel een enorme bedreiging. Als we niets doen, schatten we in dat in 2050 de helft van het bruto inkomen is verdampt. Het succes van ons comité is een sterk leiderschap, een centrale coördinatie en een gezamenlijk plan.”
Zijn comité probeert veranderingen af te dwingen door de manier van zakendoen te veranderen. “Een hotel in Saint Lucia bijvoorbeeld gebruikte veel water alleen om de golfcourts groen te houden. Om aan de vraag te voldoen, zorgde de lokale waterzuivering voor veel meer afvalwater dat de kust vervuilde. Dit wilden we verbeteren door de aanleg van een zogenaamd grey water system dat water herbruikt. Het hotel wilde aanvankelijk slechts voor een klein deel van de kosten opdraaien. Maar we lieten zien dat het systeem de waterkosten met 50 procent vermindert. Het hotel kwam tot het inzicht dat het uit zakelijk oogpunt zin had en nam uiteindelijk zelfs het leeuwendeel van de kosten voor zijn rekening. Daarna was de regering in staat het beleid te veranderen voor alle hotels.”

Alternatieven

Ook in Ecuador zijn er veel initiatieven gericht op conservatie. Het land heeft het programma Sociobosque gestart dat individuele landeigenaren een vergoeding per hectare biedt, mits ze de bomen laten staan. “Dit is vergelijkbaar met wat landen als Mexico en Costa Rica doen”, aldus Aguiñaga. Ook probeert het de olievoorraad in het biodiverse nationale park Yasuní met rust te laten door  internationaal te zoeken naar vergoedingen ter waarde van de helft van de geschatte olieopbrengsten.

Het Stern-rapport legt een link tussen de opwarming van de aarde en de economische gevolgen. Het stelt dat de ergste effecten kunnen worden gekeerd as er nu actie wordt ondernomen en dat de kosten, in 2006 geraamd op één procent van het bruto nationaal product, veel lager zijn dan de kosten die nodig zijn om de gevolgen te stoppen. Ter illustratie: in Colombia kostten de zware overstromingen van vorig jaar volgens Felipe Gómes Villota van het Colombiaanse ministerie van Milieu aan zo’n driehonderd mensen het leven en werd een groot aantal huizen en infrastructuur vernietigd. Schade: zo’n zes miljard dollar.

“Dat ene procentje moet ik nu wel bijstellen”, vreest Stern. “Door het gebrek aan directe actie schat ik dat percentage nu al in op 2 procent. Dat is nog altijd een schijntje in vergelijking met de geraamde kosten als de economie met zo’n 20 procent krimpt als gevolg van de effecten van klimaatverandering. Dat betekent de grootste recessie ooit. Ik weet dat ik soms als doemdenker wordt afgeschilderd, maar in mijn opinie worden de risico’s juist nog altijd onderschat.”
 

Revolutie

Niet alleen stoppen met het gebruik van fossiele brandstoffen, maar ook investeren in nieuwe technologie en efficiënte energie kan de wereld voor een ramp behoeden. Hoewel er een gebrek is aan actie onder met name de rijke landen, blijft Stern optimistisch. “We moeten een industriële energierevolutie beginnen. Revoluties gaan gepaard met creativiteit en ontdekkingen, maar zullen ons ook economische groei brengen. We hoeven niet te kiezen tussen welvaart en milieu.”  Mocht dit niet gebeuren, dat staat de wereld aan de vooravond van een groot drama, zo schat Stern in. “Honderden miljoenen mensen zullen uit hun woonomgeving worden verdreven door overstromingen en droogte, als gevolg van de opwarming van de aarde. En de armsten zullen het zwaarst te leiden hebben onder de gevolgen.”

Ook veranderingen in hoe we produceren en consumeren, zijn volgens Stern daarom van groot belang.  “Neem bijvoorbeeld de productiviteit per hectare. Ik heb me laten vertellen dat er in Brazilië gemiddeld één koe graast per hectare. Zouden dat er niet twee per hectare kunnen zijn? Ik stel me voor dat het leven van een koe in Brazilië erg eenzaam is.

Bookmark and Share


Terug