Zuid-Amerika Midden-Amerika Cariben

La Chispa is dé website voor liefhebbers van Latijns Amerika. Journalistiek, betrokken, informatief, scherp. Een interactieve community met echte chispa: levendig en met passie.

Politiek & Maatschappij

Twaalf vrouwelijke presidenten

Datum : 27/01/2011
Auteur : Jan de Kievid
Land : Brazilië

Twaalf vrouwelijke presidenten

Als Dilma Rousseff op 1 januari Lula opvolgt als staatshoofd van Brazilië, wordt zij de twaalfde vrouwelijke president van het continent. De twaalfde al, zal menig lezer zich afvragen. Dat is begrijpelijk, want sinds 1974 zijn er heel wat vrouwen president geweest, maar pas de laatste jaren worden vrouwen – los van familiebetrekkingen of doorschuiven uit een andere functie – op eigen kracht in verkiezingen tot president gekozen.

Vijf maal waren de vrouwelijke presidenten vooral de vrouw of weduwe van een mannelijke president. De eerste was Isabel Perón, de nachtclubzangeres die in 1974 in Argentinië haar overleden echtgenoot Juan Perón opvolgde. Dit nadat hij haar bij de verkiezingen in 1973 als kandidaat voor het vicepresidentschap had opgevoerd. Ze had weinig idee van regeren en haar bewind eindigde met de militaire staatsgreep van 1976. In 1990 won Violeta Chamorro in Nicaragua de verkiezingen; zij was de weduwe van de vooraanstaande, in 1978 door de dictatuur van Somoza vermoorde, oppositieleider Pedro Chamorro. Van 1997 tot 1999 regeerde in Guyana Janet Jagan. Zij won de verkiezingen na de dood van haar man, die van 1992 tot 1997 president was geweest. Mireya Moscoso, de weduwe van een man die driemaal president was geweest, was van 1999 tot 2004 president van Panama. Als vijfde won in 2007 in Argentinië Christina Fernández de verkiezingen als opvolgster van haar man, Nestór Kirchner. Christina Fernández had, net als Janet Jagan, al samen met haar man een lange politieke carrière opgebouwd, maar het blijft de vraag of deze vrouwen gekozen zouden zijn als zij niet ook de ‘vrouw van’ waren geweest.

Driemaal bekleedden vrouwen het hoogste ambt kort in crisissituaties op grond van een andere functie. Zo werd Lidia Gueiler in 1979 als voorzitter van het Huis van Afgevaardigden president van Bolivia. Na acht maanden werd ze bij een staatsgreep afgezet. In het politiek chaotische Haïti maakten militairen die een staatsgreep hadden gepleegd in 1990 Ertha Pascal-Trouillot, rechter in het Hooggerechtshof, president. Zij moest verkiezingen organiseren en trad elf maanden later, na die verkiezingen, af. Slechts 48 uur bekleedde Rosalía Arteaga het presidentschap in Ecuador, nadat in februari 1997 president Bucaram was afgezet. Ze was zijn vicepresidente.

Doorbraak

Een echte doorbraak kwam in januari 2006 met de verkiezing op eigen kracht van Michelle Bachelet in Chili. Als de grondwet een tweede ambtstermijn had toegestaan, zou zij vier jaar later zeker zijn herkozen. Ook op eigen kracht kwamen in 2010 via verkiezingen Laura Chinchilla aan de macht in Costa Rica en Kamla Persad-Bissessar in Trinidad en Tobago. De laatste is als premier de feitelijke regeringsleider in een voormalige Engelse kolonie, waarin de president vooral een ceremoniële rol vervult.

In 2011 – als ook Rousseff meedoet – telt Latijns Amerika dus vier vrouwelijke regeringsleiders, van wie alleen bij Fernández haar echtgenoot een rol heeft gespeeld in het bereiken van dat ambt. Dat is een volstrekt nieuwe en unieke situatie en een teken dat er ook op dit punt iets verandert op het continent.

Bron : El País
Bookmark and Share

Bekijk ook


Terug