Zuid-Amerika Midden-Amerika Cariben

La Chispa is dé website voor liefhebbers van Latijns Amerika. Journalistiek, betrokken, informatief, scherp. Een interactieve community met echte chispa: levendig en met passie.

Politiek & Maatschappij

Uruguay seculier buitenbeentje in Latijns Amerika

Zelfs christelijke feestdagen hebben andere namen

Datum : 11/06/2014
Auteur : Jan de Kievid
Land : Uruguay

Uruguay seculier buitenbeentje in Latijns Amerika

In geen Latijns-Amerikaans land is de publieke invloed van de katholieke kerk zo sterk ingeperkt als in Uruguay. Dat is het gevolg van late kolonisatie, massale migratie en een sterke antiklerikale beweging. Daardoor kan Uruguay nu voorop lopen met abortus en homohuwelijk.  

Uruguay heeft afgelopen jaren zowel abortus (2012) als het homohuwelijk (2013) gelegaliseerd. In een paar andere Latijns-Amerikaanse landen geldt één van die twee maatregelen, maar alleen in Uruguay beide. Elders is de katholieke kerk meestal nog te machtig. Ook in Uruguay was de kerk tegen legalisering, maar die heeft daar een zwakke positie. Nergens op het continent zijn zo weinig mensen katholiek, niet meer dan ongeveer de helft. Dit heeft een lange voorgeschiedenis.  Het gebied dat tegenwoordig Uruguay heet, is laat gekoloniseerd en was dun bevolkt. Er ontstonden geen sterke koloniale instituties en dus ook geen machtige kerk, zoals overal elders wel gebeurde. De bisschop van Buenos Aires was ver weg, communicatie verliep moeizaam, de kerk had weinig geld en een tekort aan bekwame priesters.

Kruisbeelden

Ook toen het katholicisme na de onafhankelijkheid in 1828 staatsgodsdienst werd en hoofdstad Montevideo een eigen bisschop kreeg, leverde dat geen stevige machtspositie op. In geen land kwamen in korte tijd zoveel immigranten uit Europa; de bevolking verachtvoudigde tussen 1852 en 1908. Tegen 1900 was Uruguay sociaaleconomisch een van de meest ontwikkelde landen ter wereld en daardoor aantrekkelijk voor migranten. Deze migranten namen uit Europa nieuwe ideeën mee en zorgden voor een open samenleving. Intellectuelen, kooplieden en politici, beïnvloed door Europese positivistische ideeën, vonden dat de kerk nog veel te veel greep had op het leven. 

Een van hen was José Battle y Ordoñez, aan het begin van de twintigste eeuw tweemaal president en grondlegger van het moderne Uruguay. Als student in Frankrijk maakte hij de heftige strijd tussen kerk en staat mee. Dat was niet alleen een godsdienstkwestie, maar ook een strijd tussen republiek en monarchie en voor of tegen de idealen van de Franse Revolutie. Mede door het Franse voorbeeld gingen de Uruguayaanse antiklerikalen heftig tekeer tegen de zwakke Uruguyaanse kerk, die weinig tegenweer kon bieden. 

Al voor Battlle aan de macht kwam, pakten politici de kerk aan. In 1861 brachten ze katholieke kerkhoven in staatshanden, in 1879 nam de staat de burgerlijke stand van de kerk over en in 1885 mocht de kerk pas huwelijken inzegenen als het paar eerst voor de staat was getrouwd. Rond 1900 werden kruisbeelden in openbare ziekenhuizen verboden en in 1906 verdween alles wat naar God of de Bijbel verwees uit de eed van parlementsleden. In 1907 werd echtscheiding wettelijk mogelijk, wat bijvoorbeeld in Chili met een sterke katholieke kerk pas een eeuw later, in 2004, werd gelegaliseerd. In 1909 volgde een verbod op godsdienstonderwijs in het openbaar onderwijs. Er kwam ook co-educatie – jongens en meisjes samen in de klas – voor het hele onderwijs.

Week van het Toerisme

Dit alles werd in 1918 bekroond met een zeer scherpe scheiding van kerk en staat in de grondwet. Een jaar later kregen zelfs christelijke feestdagen andere namen. Zo veranderde Kerstmis in Dag van de Familie en de Stille Week voor Pasen in Week van het Toerisme. Dat zijn nog steeds de officiële namen. Ook naar heiligen genoemde stadswijken werden hernoemd.  

De grondwet stelt: “Alle godsdiensten zijn vrij in Uruguay. De staat ondersteunt geen enkele religie.” Dat laatste geldt in Uruguay veel strikter dan in de rest van Latijns Amerika en de  wereld gebruikelijk is. Godsdienst werd als privézaak nadrukkelijk uit het publieke domein verbannen. Het is geen toeval dat al bij de volkstelling van 1908 de categorie van ‘vrijdenkers’ was opgenomen. Die bedroeg toen 14 procent van de bevolking, naast 61 procent katholieken, 1,5 procent protestanten en 22 procent ‘anderen’. Nederland telde toen maar 5 procent onkerkelijken. 

Toen het democratische Uruguay in 1973 ten onder ging in een brute dictatuur (1973-1985), speelde de zwakke katholieke kerk geen rol van betekenis. De bisschoppen hulden zich in een officieel, wat angstig stilzwijgen en boden geen steun aan slachtoffers of mensenrechtenorganisaties. Dat was heel anders dan in Chili waar belangrijke delen van de kerk, onder leiding van de kardinaalaartsbisschop van Santiago, slachtoffers steunden en zelf mensenrechtenorganisaties opzetten. De machtige Argentijnse bisschoppen kozen een andere weg: openlijke steun aan de militaire machthebbers en verdoezeling van de misdrijven.

Obscurantisme

In 1987 togen de Uruguayanen massaal naar een massabijeenkomst met paus Johannes Paulus II. Volgens kerkelijke bronnen wel 300.000, een op de tien inwoners. Ook als het er in werkelijkheid minder waren, was het voor overtuigd seculiere Uruguayanen verbazingwekkend en schokkend dat zoveel landgenoten de paus wilden zien. Voor de bijeenkomst op een centrale plaats in hoofdstad Montevideo was een groot ijzeren kruis opgericht. President Julio María Sanguinetti van de rechtse Coloradopartij, zelf openlijk agnost, stelde voor dat kruis daar te laten staan als herinnering aan het pausbezoek. 

Dat leidde tot hevige discussies. Werd hiermee niet de seculiere staat ondermijnd? In het parlement voerden vrijwel alle parlementariërs het woord, op persoonlijke titel. De opvattingen liepen dwars door de partijen heen. Een lid van Sanguinetti’s partij noemde zo’n kruis op een publieke plaats “ruimte geven aan het geestelijk obscurantisme, waarin een groot deel van de mensheid nog is ondergedompeld.” Tenslotte stemde de meerderheid voor en bleef het kruis staan. Daarmee was religie weer meer openbaar aanwezig dan de antiklerikalen een eeuw eerder hadden gewenst.   

Dit pausbezoek kon niet voorkomen dat, net als elders, de kerken leeg liepen  De afgelopen twintig jaar halveerde het kerkbezoek evenals het aantal gedoopte kinderen. Kerkelijke huwelijken daalden zelfs met tweederde. Ongeveer de helft van de Uruguayanen beschouwt zich als katholiek, het laagste percentage van Latijns Amerika. Slechts 10 procent van deze katholieken bezoekt wekelijks de kerk en maar de helft vindt godsdienst belangrijk in het leven, opnieuw de laagste percentages van het continent. Van de kinderen gaat 80 procent  tegenwoordig naar openbare scholen.

Excommunicatie 

Anders dan in veel andere landen zijn katholieken niet massaal overgelopen naar evangelische kerken. Die zijn in Uruguay niet sterk aanwezig. Ook is er geen krachtige katholieke charismatische vernieuwingsbeweging die de evangelische groepen met hun eigen middelen probeert de bestrijden. Het aandeel van atheïsten, agnosten en mensen die wel ergens in geloven, maar niet in kerkelijk verband, is gestegen. Het is met circa 40 procent het hoogste van Latijns Amerika.  

De katholieke kerk laat wel van zich horen. Zo heeft ze zich afgelopen jaren uitgesproken tegen abortus en homohuwelijk, maar de kerk kent haar plaats in een seculiere samenleving. Toen het gerucht ging dat bisschoppen hadden gedreigd parlementsleden te excommuniceren als ze voor de abortuswet zouden stemmen, reageerde een bisschop verontwaardigd. Ze peinsden er niet over om met zulke middelen de politiek te beïnvloeden. De kerk heeft wel geprobeerd met legale middelen de wet ongedaan te maken. Als in Uruguay 25 procent van de kiesgerechtigden daarvoor een handtekening zet, moet een al aangenomen wet in een referendum aan de bevolking worden voorgelegd. De katholieken lopen wel warm voor de paus (dat zal ook wel voor Franciscus gelden), maar de politieke mobilisatiekracht van de kerk is gering. Slecht 9 procent tekende, dus hooguit 18 procent van de katholieken nam die moeite. Half april 2014 zette de aartsbisschop van Montevideo een opmerkelijke stap. Hij nodigde vertegenwoordigers van homoseksuelen en transgenders uit voor een gesprek, waarin hij excuses aanbood voor recente uitspraken van de kerk die hen hadden beledigdUruguay is een seculier buitenbeentje in Latijns Amerika.

In Freedom of Thought 2013  heeft de IHEU, de internationale organisatie van humanisten, geïnventariseerd hoe het wereldwijd gesteld is met de wettelijke en feitelijke rechten van humanisten, atheïsten en niet-godsdienstigen. Daarin is ook godsdienstvrijheid voor iedereen en vrijheid van meningsuiting betrokken. Slechts 15 van de 193 landen blijken ‘vrij en gelijk’. In West-Europa zijn dat België en Nederland, in Latijns Amerika en de Cariben Jamaica en uiteraard Uruguay. Alleen bij Uruguay wordt nadrukkelijk vermeld dat de scheiding tussen staat en kerk erg scherp is en dat de grote niet-religieuze bevolking helemaal geen discriminatie ervaart. In de meeste Latijns-Amerikaanse landen bevoordeelt de staat nog steeds, ondanks de officiële scheiding van kerk en staat, direct of indirect de katholieke kerk. 

Bookmark and Share

Bekijk ook


Terug