Zuid-Amerika Midden-Amerika Cariben

La Chispa is dé website voor liefhebbers van Latijns Amerika. Journalistiek, betrokken, informatief, scherp. Een interactieve community met echte chispa: levendig en met passie.

Kunst & Cultuur

Uruguayaanse schrijver Eduardo Galeano overleden

"Bevrijding van het ontvoerde geheugen"

Datum : 15/04/2015
Auteur : Jan de Kievid
Land : Uruguay

Uruguayaanse schrijver Eduardo Galeano overleden

De op 13 april overleden Uruguayaanse schrijver Eduardo Galeano werd beroemd met De aderlating van een continent en Kroniek van het vuur. Daarin herschreef hij de door de overwinnaars gestolen geschiedenis van Latijns Amerika vanuit het perspectief van de bevolking. Galeano gold als ondogmatisch en onafhankelijk kritisch geweten en inspiratiebron van links op het continent.   

Twee grote schrijvers overleden op 13 april 2015. In Europa kreeg de Duitser Günter Grass aandacht op de voorpagina’s en in talrijke commentaren, in Latijns Amerika gold dat voor Eduardo Galeano uit Uruguay. Galeano is de auteur van een groot en gevarieerd oeuvre en een man met groot gezag binnen links Latijns Amerika. Hij overschrijdt de grenzen tussen journalistiek, literatuur, fictie, geschiedschrijving, politieke analyse en politieke stellingname. Galeano publiceerde een veertigtal boeken en zijn werk is in meer dan twintig talen vertaald. Ruim tien van zijn boeken, waaronder de belangrijkste, zijn in het Nederlands verschenen.

Galeano, geboren in 1940 in Montevideo in een milieu dat kansen bood om te studeren, ging al jong zijn eigen weg. Na slechts één jaar middelbare school had hij allerlei baantjes. Door in kroegen naar smokkelaars te luisteren, leerde hij verhalen vertellen. Een socialistisch weekblad publiceerde een tekening van de veertienjarige Eduardo. Al snel ontpopte hij zich als journalistiek talent; hij werd al jong hoofdredacteur van het invloedrijke weekblad Marcha en daarna van dagblad Epoca. Zijn eerste boeken en verhalenbundels zagen het licht.

Nog maar dertig jaar oud, in 1971, publiceerde Galeano Las venas abiertas de América Latina, in 1976 in het Nederlands vertaald als De aderlating van een continent. Daar schetste hij, toegankelijk geschreven met aansprekende voorbeelden, hoe eerst de Spaanse en Portugese kolonialen en daarna de imperialisten uit Engeland en de Verenigde Staten het continent hadden leeggeroofd. Het werd Galeano’s grootste succes, in Latijns Amerika en wereldwijd, met enorme oplages. Ik heb zelf de 37e Spaanstalige editie uit 1983 gelezen. Ook de Nederlandse editie behaalde vijf drukken.

Winnaars en verliezers

Het boek sloot aan bij het politieke klimaat van roep om revolutionaire politieke veranderingen. Ook was het een prachtige toepassing in begrijpelijke taal van de bij linkse sociale wetenschappers populaire dependenciatheorie, kortweg: de rijke landen zijn rijk omdat ze de van hen afhankelijke arme landen hebben uitgebuit, en als de arme landen die afhankelijkheid niet weten te doorbreken, zullen ze arm blijven. Zoals steeds toont Galeano zich meester in kernachtige formuleringen. Terwijl de kapitalistische economische theorie deed alsof bij internationale arbeidsverdeling – het ene land had industrieproducten en het andere grondstoffen – sprake was gelijkwaardigheid, schreef Galeano: “De internationale arbeidsverdeling bestaat eruit dat sommige landen zich specialiseren in winnen en andere in verliezen.”

Las venas abiertas diende als informatie- en inspiratiebron voor een hele generatie van links in Latijns Amerika en van solidariteitsbewegingen in de hele wereld. De militaire dictaturen in Brazilië, Uruguay, Chili en Argentinië verboden het boek, maar exemplaren werden clandestien doorgegeven en gekoesterd. De Chileense schrijfster Isabel Allende vertelt in het voorwoord bij een herdruk in 1997 dat ze op de vlucht na de staatsgreep in haar land maar twee boeken mee kon nemen: gedichten van Pablo Neruda en Las venas abiertas. 

Bloed, zweet en tranen

Veertig jaar later deelde Galeano de opvatting van veel critici dat hij de complexe werkelijkheid wat te simpel had voorgesteld. Ook vond hij het slecht geschreven: “Ik zou het niet opnieuw kunnen lezen, ik zou flauwvallen. Dit proza van traditioneel links is voor mij vreselijk saai en irritant. Mijn lijf zou het niet verdragen.” Bovendien: “Ik wilde een werk over politieke economie schrijven, maar ik was er onvoldoende voor geschoold. Ik heb geen spijt dat ik het heb geschreven, maar het was voor mij een beginpunt, geen eindpunt.” Bewonderaars zien dat anders, zoals de Chileen Marco Fajardo, die als dertienjarige balling in 1989 het boek las: “Zoals alle onsterfelijke boeken is het geschreven met bloed, zweet en tranen. Onjuiste gegevens? Iets verzonnen? Ik weet het niet, het maakt me niet uit. Het belangrijkste is dat het een grote waarheid uitspreekt: dat de Noord-Amerikanen en onze blanke oligarchieën veel te lang onze volken hebben beetgenomen.”   

Toen de militairen in 1973 in Uruguay de macht grepen, hielden ze Galeano enige tijd gevangen. Daarna vluchtte hij naar Argentinië, waar hij in de chaotische periode voor de staatsgreep van 1976, het tijdschrift Crisis leidde. Als iemand om vier uur ’s middags telefonisch een dreigement uitte, antwoordde hij: “Sorry, de tijd voor dreigementen is tussen één en twee uur.” In 1976 werd het echt te gevaarlijk en vluchtte Galeano naar Spanje. Bij het herstel van de democratie in Uruguay keerde hij terug. Daar was hij medeoprichter en steunpilaar van het linkse weekblad Brecha, de opvolger van Marcha. 

Mozaïek

Achter Venas abiertas zat al het idee dat de kolonialen en imperialisten de bevolking niet alleen hadden uitgebuit, maar ook hun geschiedenis en herinnering hadden afgenomen. Galeano wilde de mensen hun eigen geschiedenis teruggeven. Die geschiedenis was immers altijd geschreven door de overwinnaars, vanuit hun perspectief. Deze opvatting leidde tot een pijnlijk vertaalincident tijdens een lezing van Galeano in de jaren negentig van de vorige eeuw in De Balie in Amsterdam. De tolk vertaalde ‘vencedores’ (overwinnaars) in ‘denkers’ (pensadores), wat leidde tot rumoer onder het publiek, dat de letterlijke vertaling en de inhoudelijke betekenis wel had begrepen. 

Galeano leverde zijn bijdrage aan de “bevrijding van het ontvoerde geheugen” in het driedelige Memoria del fuego (Kroniek van het vuur) (1982-1986). Hier begint de geschiedenis niet met Columbus, maar al veel eerder. In ongeveer tweeduizend chronologisch geordende korte tekstjes (vaak lange citaten) over een zeer breed scala van onderwerpen maakt Galeano een veelkleurig mozaïek van de geschiedenis van het continent. 

‘Gesloten wegens voetbal’

Galeano schreef over van alles, lang niet alleen over politiek. Met zijn boek Futbal a sol y sombra (Glorie en tragiek van het voetbal) slechtte hij de barrière tussen voetbal en intellectuelen. Tijdens wereldkampioenschappen zette hij een bord voor zijn huis: ‘Gesloten wegens voetbal’.

Galeano was een meester in taal. Na zijn dood publiceerden verschillende Latijns-Amerikaanse kranten selecties van beroemde citaten. Hij zocht “een niet plechtige taal die denken, voelen en je vermaken toelaat, wat in het linkse jargon niet gebruikelijk is.” Hij was overtuigd dat “woorden macht hebben” en niet neutraal zijn: “Tegenwoordig wordt martelen ‘illegaal druk uitoefenen’ genoemd. Verraad heet ‘realisme’. Opportunisme heet ‘pragmatisme’ en imperialisme ‘globalisering’”. 

Optimisme

Toch wilde Galeano geen ‘politiek schrijver’ worden genoemd: “Dat etiket wijs ik af, omdat dat me beperkt en me in een schrijver van pamfletten dreigt te veranderen, in opdracht van een of andere partij of godsdienst.” Volgens vrienden en bewonderaars was Galeano absoluut niet partijgebonden, orthodox, dogmatisch of sektarisch, maar een uitgesproken onafhankelijke geest die met gevoel, humor en optimisme in het leven stond. Critici vinden dat hij wel prachtig en verleidelijk kon schrijven, maar vaak een te simpele tweedeling tussen goed en kwaad hanteerde en linkse dictaturen veel meer spaarde dan rechtse.  

Galeano was geen partijpoliticus, maar werkte in eigen land wel actief mee aan een referendum om de amnestiewet voor misdrijven van militairen tijdens de dictatuur te herroepen, wat uiteindelijk niet lukte. Hij steunde het linkse samenwerkingsverband Frente Amplio (FA, Breed Front) dat in 2004 voor het eerst de verkiezingen won. Na twee jaar keerde hij zich echter van president Tabaré Vázquez af omdat die “de volkswil had verraden” door milieuverontreinigende pulpfabrieken toe te staan. Toen Vázquez zich in 2014 opnieuw presidentskandidaat stelde voor het FA, steunde Galeano de linksere senator Constanza Moreira, die het tot ergernis van de partijleiding had gewaagd zich tegenkandidaat te stellen. 

Met Vázquez’ opvolger én voorganger, oud-guerrillastrijder José Mújica (president 2010-2015, foto), kon Galeano het beter vinden. Mújica en zijn vrouw Lucía Topolansky bezochten Galeano nog kort voor diens dood voor een ‘stilzwijgend afscheid’. Eind februari trad Galeano, bij wie in 2007 longkanker werd geconstateerd, voor het laatst in de openbaarheid om president Evo Morales van Bolivia te ontvangen, die in Montevideo was voor de ambtsaanvaarding van Vázquez. 

Meteen na zijn overlijden is Galeano opgebaard in de pronkzaal van het parlementsgebouw in Montevideo, waar president Vázquez en honderden  familieleden,vrienden en politici hem de laatste eer bewezen. Het kritische geweten van (links) Latijns Amerika is dood, maar zijn geschriften leven voort. Ook als verzamelobject; een exemplaar van de eerste druk van Las venas abiertas kost in Montevideo inmiddels 400 dollar.   

Galeano over de ‘ontdekking’ van Amerika

“In 1492 ontdekten de inlanders dat ze indianen waren, dat ze in Amerika woonden, dat ze naakt waren, dat de zonde bestond. Ze ontdekten dat ze moesten gehoorzaam aan een koning en koningin aan de andere kant van de wereld en aan een god van een andere hemel, en dat die god de schuld en de kleding had uitgevonden, en had bevolen wie de zon, de maan en de aarde aanbaden, verbrand moesten worden.” 
Uit: Las venas abiertas de América Latina.

Bookmark and Share


Terug