Zuid-Amerika Midden-Amerika Cariben

La Chispa is dé website voor liefhebbers van Latijns Amerika. Journalistiek, betrokken, informatief, scherp. Een interactieve community met echte chispa: levendig en met passie.

Politiek & Maatschappij

Verkiezingen in Nicaragua (2)

Fraude als voorspeller?

Datum : 04/11/2011
Auteur : Krijn Schramade
Land : Nicaragua

Verkiezingen in Nicaragua (2)

Op 6 november is het zover: Presidentsverkiezingen in Nicaragua. De kandidaten zijn bekend, maar wie gaat winnen? De opiniepeilingen geven al een aardig beeld. De rol van de grondwet en de voorgeschiedenis van fraude hebben echter net zo goed een voorspellende waarde.

Volgens de grondwet mag Daniel Ortega (FSLN) niet meedoen aan de verkiezingen. Na het eigenhandig omverwerpen van de dictatuur van de Somoza’s nam het FSLN artikel 147 in de grondwet op. Het doel was om een dictatuur zoals die van de Somoza’s te voorkomen. Sindsdien mag volgens de grondwet een president slechts twee termijnen dienen. Daarnaast mag een zittend president niet mee doen aan de verkiezingen. Ortega’s huidige termijn zou dus vanwege twee redenen zijn laatste moeten zijn. De oppositie noemt zijn deelname aan de verkiezingen in november dan ook illegaal. Het Hooggerechtshof, gedomineerd door Sandinisten, heeft echter anders beslist. In dit geval is de grondwet ongrondwettelijk, waardoor niet van toepassing op de deelname van Ortega.

De rol van fraude

De meningen over de rol van fraude zijn verdeeld. De oppositie beweert dat bij de lokale verkiezingen in 2008 massaal werd gefraudeerd. De internationale gemeenschap ondersteunt deze opvatting. Mede door deze fraude is het FSLN sinds 2008 ook in de lokale besturen ruim vertegenwoordigd.
Bij de oppositie bestaat de angst dat er bij de komende verkiezingen weer massaal gefraudeerd zal worden. Ze roept dan ook om internationale verkiezingswaarnemers. Zo zei Silvio Baez, bisschop van Managua, dat nationale en internationale waarneming essentieel is om de verkiezingen te legitimeren. “Anders blijft de uitslag altijd met twijfel omhuld.”

Verkiezingswaarnemers

Ook internationaal klinkt de roep om verkiezingswaarnemers. De voorzitter van de verkiezingsraad (CST), Roberto Rivas, vindt dit echter niet noodzakelijk. “Het is erg moeilijk om fraude te plegen in deze verkiezingen, want het Nicaraguaanse verkiezingssysteem is extreem veilig in vergelijking met de rest van Latijns Amerika”, zei Rivas op kanaal 13, een zender geleid door de Ortega-familie.
Rivas spreekt van ‘begeleiders’ die bij de verkiezingen worden ingezet. Wat hij daar precies mee bedoelt, is niet duidelijk. De CST levert deze begeleiders. Dit geeft wel een beeld. Deze verkiezingsraad bestaat (voornamelijk) uit leden van het FSLN. Kortom: de partij van president Ortega organiseert en controleert de verkiezingen.

De bevolking is verdeeld. Aan de ene kant zijn er de vele aanhangers van de opportunistische Ortega.  Daar zijn genoeg redenen voor. Zo is Nicaragua het veiligste land van Midden-Amerika. Daarnaast zijn er veel geldbronnen beschikbaar, ondanks dat Nicaragua het op één na armste land van het westelijk halfrond is. Voornamelijk door de vriendschap van Ortega met Hugo Chávez van Venezuela komt er geld bij de bevolking terecht. Wel te verstaan: bij dat deel van de bevolking dat lid is van de partij en stemt op Ortega.

Een ander deel van de bevolking is Ortega zat, maar ziet weinig alternatieven. Ortega holt het democratische karakter van het land steeds verder uit en het land is enorm corrupt. Toch lijkt het erop dat de bevolking het ondergaat. Ze zijn niet veel beter gewend. Vrijwel alle voorgangers van Ortega deden een greep in de staatskas. Wordt het echt beter zonder Ortega?

Vooruitblik

Volgens onderzoek van Cid Gallup staat Ortega er goed voor in de peilingen. Waar hij in januari nog op 36 procent van de stemmen kon rekenen, is dat percentage in september gestegen naar 44. De populariteit van (oppositie-)kandidaat Alemán laat een tegenovergesteld beeld zien. In januari kon hij nog op 23 procent van de stemmen rekenen, in september nog maar op 13 procent. Gadea, Don Pancho, lijkt een geduchte concurrent voor Ortega. Zijn stijging in de peilingen is opvallend. In januari stond hij slechts op 17 procent en in september is het bijna verdubbeld, 34 procent.
De grondwet stelt dat de verkiezingen worden gewonnen door de deelnemer die minimaal 35 procent van de stemmen heeft en minimaal 5 procentpunt meer dan de nummer twee. Wat als Ortega in het uitzonderlijke geval minder dan 35 procent van de stemmen haalt? In hoeverre vindt het Hooggerechtshof de grondwet dan van toepassing?

Wie gaat de presidentsverkiezingen in Nicaragua winnen? Dat is gezien de spelregels en de voorgeschiedenis van fraude niet de meest relevante vraag. Het zal weinig mensen verbazen als Ortega nog minimaal één termijn blijft zitten. Meest relevante vraag is: hoe reageert de bevolking, oppositie en internationale gemeenschap?

 

 

Bookmark and Share


Terug