Zuid-Amerika Midden-Amerika Cariben

La Chispa is dé website voor liefhebbers van Latijns Amerika. Journalistiek, betrokken, informatief, scherp. Een interactieve community met echte chispa: levendig en met passie.

Politiek & Maatschappij

Volg het geld

De macht van grote bouwbedrijven in Brazilië

Datum : 09/07/2014
Auteur : Sue Branford
Land : Brazilië

Volg het geld

Nooit eerder heeft Brazilië in de Europese media zoveel aandacht gehad als in de aanloop naar het WK Voetbal. Toch, zo zegt Sue Branford, is er één belangrijk punt dat over het hoofd wordt gezien: de macht van de bouwbedrijven.

De media-aandacht voor Brazilië en het WK in de Europese media is overweldigend. Dat vinden ook degenen die al jaren beweren dat de internationale pers het vijfde land ter wereld hiervoor vrijwel negeerde. Toch is er één belangrijk thema dat volledig over het hoofd wordt gezien. Het is een vergeten kwestie die, als je het eenmaal ziet, overduidelijk aanwezig is. 

Er is veel geschreven over de nieuw gebouwde stadions en of ze wel of niet op tijd klaar zouden zijn. Nu de wedstrijden tot nu toe zonder grote problemen verlopen zijn, zwijgt de pers hier verder over. Er was en is echter weinig aandacht voor de bedrijven die voordeel hebben bij de grote investeringen van de Braziliaanse overheid. Commentatoren noemen de vier grootste bouwbedrijven van Brazilië – Odebrecht, OAS, Camargo Corrêa en Andrade Gutierrez – de ‘Vier Zusters’, naar het voorbeeld van Erico Mattei, voormalig hoofd van het Italiaanse staatsoliebedrijf Eni. Hij gebruikte in de jaren vijftig de term ‘Zeven Zusters’ om het kartel bedrijven te omschrijven dat de wereldwijde olie-industrie domineerde. 

Volgens onderzoek van Pública , een partner van het Britse Latin American Bureau, nemen de Vier Zusters van Brazilië het overgrote deel van de tien contracten voor grote infrastructuurprojecten voor het WK en de Olympische Spelen voor hun rekening. Het gaat onder andere om de herbouw van het stadion Maracanã, de bouw van een Olympisch Park en een vierde lijn voor de metro in Rio de Janeiro. Deze tien contracten zijn bij elkaar 30 miljard reais waard (bijna 10 miljard euro).

Monopolie

Odebrecht is kampioen: het heeft in maar liefst acht van de tien contracten een groot aandeel.  OAS en Andrade Gutierrez staan op een gedeelde tweede plaats met een sterke aanwezigheid in zes van de tien contracten. Meer details van het onderzoek (in het Portugees), kunnen op de website van Pública gevonden worden. Het is duidelijk dat de taart onder de grote jongens verdeeld wordt. Ook duiken deze vier namen met een monotone regelmaat op in toekenningen van werk voor de uitbreiding van het netwerk van stuwdammen en waterkrachtcentrales die Brazilië laat bouwen in de Amazone. 

Zoals te vewachten was heeft deze eenzijdige verdeling onder een handvol grote, machtige bedrijven wantrouwen gezaaid bij sommige economen. Een van hen is Paulo Furquim, voormalig lid van de Administratieve Raad voor Economische Defensie (CADE), het instituut dat verantwoordelijk is voor de wetgeving op het gebied van monopolies en concurrentie. Hij geeft aan: “Deze situaties met grote projecten, zeker de formatie van een consortium en afwisselende ‘winnaars’, geven aanzienlijk bewijs voor het bestaan van een kartel. Voeg hier ander bewijs van te hoge rekeningen voor de projecten aan toe en er is genoeg reden voor een onderzoek.”

Er zijn inderdaad onderzoeken uitgevoerd naar de metro in São Paulo, waarbij de bedrijven de staat een compensatie van 2.5 miljard reais (825 miljoen euro) moesten betalen. Toch is er weinig bewijs dat het systeem zelf werkelijk hervormd is. Het kartel van bouwbedrijven, zo geloven veel mensen, is nog altijd springlevend. 

Harde kritiek

Een van de meest luidruchtige critici van de macht van de Braziliaanse bouwbedrijven is Célio Bermann, energiespecialist en universitair docent in energie en milieu aan de Universiteit van São Paulo. Hij gelooft dat er een goddeloos verbond bestaat tussen bouwbedrijven en politici. Beide partijen, zo zegt hij, hebben hier voordeel aan. De bouwbedrijven krijgen lucratieve projecten toegewezen en de politici krijgen gulle giften tijdens hun verkiezingscampagnes. “De motor achter dit systeem is publiek geld gedurende de bouwperiode. Dat is wanneer het geld stroomt, wanneer er fortuinen worden verdiend”, zegt Bermann in een recent interview. Volgens gegevens van de Braziliaanse Rechtbank voor Verkiezingszaken waren bouwbedrijven tussen 2002 en 2012 de belangrijkste sponsors van verkiezingscampagnes. 

Gek genoeg is de ontwikkeling van deze grote, machtige bedrijven actief gepromoot door de linkse president Lula tijdens zijn regeerperiode (2003-2012). Hij dacht dat Brazilië alleen succesvol zou kunnen concurreren op de wereldmarkt als het zijn eigen multinationals creëerde, die minstens net zo machtig waren als bedrijven uit geïndustrialiseerde landen. Hij heeft ooit gezegd dat Brazilië een equivalent nodig had van de Zuid-Koreaanse ‘Chaebols’ - machtige, door families gecontroleerde ondernemingsgroepen. 

Een van de belangrijkste manieren waarop Lula dit bereikte was door het budget van Brazilië’s staatsontwikkelingsbank BNDES fors te verhogen. Het bedrag dat BNDES per jaar uitleende steeg van 35.10 miljard reais in 2003 naar 168.40 miljard in 2010.  Het resultaat hiervan is dat het bedrag van jaarlijkse uitbetalingen meer dan twee keer zo groot is als de gezamenlijke uitgaven van de Wereldbank en de Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank. De helft van deze leningen gaat naar slechts twaalf bedrijven.

Brazilië heeft dan ook enkele van de grootste bouwbedrijven ter wereld. Het is niet verwonderlijk dat dit het risico op kartelvorming sterk heeft doen groeien. Bovendien is momenteel elke grote politieke partij afhankelijk van deze bedrijven voor geld voor verkiezingscampagnes. Hoe dit kan worden opgelost blijft de vraag. CADE werd in 2012 uitgebreid, maar heeft nog steeds een grote uitdaging voor zich. Een van de veelbesproken thema’s in de gigantische aandacht voor Brazilië in aanloop naar het WK was de grote ongelijkheid in het land, die soms ongewild van het scherm af leek te spatten. Favelas in Rio liggen zij aan zij met de rijke buurten; het is onmogelijk de stad te bezoeken zonder favelas te zien. We zouden een ander beeld hebben gezien, zo vermoed ik, als filmmakers naar São Paulo zouden zijn gegaan, waar de favelas veel meer verborgen en buiten de stad liggen.

Toch heeft niemand gevraagd waarom het zo moeilijk is voor een linkse regering, die al meer dan tien jaar aan de macht is, deze ongelijkheid op te lossen. Voor het antwoord hoeft men alleen maar het oude, maar nog zeer actuele spreekwoord te volgen – follow the money (volg het geld). Hoewel de PT-regeringen (Arbeiderspartij) van Lula en van Dilma Rousseff effectieve maatregelen hebben genomen voor de herverdeling van inkomens in de armste sectoren, hebben ze ook een systeem gecreëerd dat ongelijkheid voedt. Dat is een zorgelijke ontwikkeling. 

Sue Branford begon haar carrière als journalist in de jaren zeventig als correspondent in Brazilië voor the Financial Times, the Economist en the Observer. Terug in Groot-Brittanië werkte ze voor de BBC World Service. Ze heeft vijf boeken gepubliceerd, waaronder The Last Frontier – Fighting over Land in the Amazon en Cutting the Wire – the Story of the Landless Movement in Brazil, waarvoor ze de Vladimir Herzog mensenrechtenprijs kreeg. Momenteel werkt ze mee aan een onderzoeksproject in de Amazone en is ze vrijwillig redacteur voor het Latin American Bureau. 

Vertaald door Simone Kalkman

Bron : Latin American Bureau
Bookmark and Share

Bekijk ook


Terug