Zuid-Amerika Midden-Amerika Cariben

La Chispa is dé website voor liefhebbers van Latijns Amerika. Journalistiek, betrokken, informatief, scherp. Een interactieve community met echte chispa: levendig en met passie.

Politiek & Maatschappij

Zijn LGBT-personen in gevaar?

Meer rechten, maar ook meer gewelddadige tegenstand

Datum : 20/02/2018
Auteur : Seger Kersbergen

Zijn LGBT-personen in gevaar?

Sinds 2012 stelt een Argentijnse wet publiek geld beschikbaar voor geslachtsveranderende operaties. Zoiets was in Latijns Amerika tot voor kort volstrekt ondenkbaar. Het is een van de vele voorbeelden van de recente verbetering van de bescherming van genderidentiteit, anti-discriminatie wetgeving en decriminalisering van seksuele activiteit tussen mensen van hetzelfde geslacht. De erkenning van LGBT-rechten (Lesbians, Gays, Bisexuals, Transgender/Transsexuals) blijkt ook uit het homohuwelijk.

Argentinië had dat al als eerste land gelegaliseerd in 2010. In 2013 volgden Brazilië, Uruguay, Frans-Guyana en de Frans-Caribische eilanden Saint-Pierre et Miquelon, Guadeloupe, Martinique, Saint Barthélemy en Saint Martin. In 2017 sloot Colombia zich aan. Ook in steeds meer Mexicaanse deelstaten is het homohuwelijk legaal. Chili en Ecuador kennen een geregistreerd partnerschap. Zeven jaar na het invoeren van de Argentijnse wet woont de helft van de Latijns-Amerikanen in een land met een wettig homohuwelijk. Ter vergelijking: nadat Nederland in 2001 als eerste land ter wereld het homohuwelijk legaliseerde, gold dit na zeven jaar slechts voor vijftien procent van de Europese bevolking.

Goedkeuring van psychiater

Wellicht sluiten binnenkort meer landen aan, want op 10 januari 2018 oordeelde het Inter-Amerikaanse Hof voor de Rechten van de Mens (IACHR) dat overheden “alle rechten moeten erkennen en garanderen die zijn afgeleid van een familierelatie tussen mensen van hetzelfde geslacht”, inclusief het recht te mogen trouwen. De meeste Latijns-Amerikaanse landen erkennen het hof. Van de grotere landen doen alleen Argentinië, Cuba, Jamaica, Trinidad en Tobago en Venezuela dat niet. Of uit deze uitspraak nieuwe wetgeving volgt, bepalen de landen zelf.

Het op LGBT-gebied zeer vooruitstrevende Argentinië verminderde ook bureaucratische obstakels. Zo is er geen goedkeuring van een psychiater meer nodig om genderidentiteit op juridische documenten als geboorteaktes, paspoorten en rijbewijzen te wijzigen. Ook in Uruguay en Brazilië is veel veranderd. Sinds 2009 is in deze twee landen het adoptierecht voor stellen van hetzelfde geslacht van kracht, Argentinië volgde een jaar later.

Ouderwetse wetgeving

Het continent kent grote regionale verschillen bij de maatschappelijke en politieke acceptatie van LGBT-personen. De Spaanssprekende landen in Zuid-Amerika en Brazilië lopen grotendeels voorop. Vooral de Engelssprekende Cariben hebben nog altijd een zeer conservatieve houding. In geen enkel land van Midden-Amerika, behalve enkele Mexicaanse deelstaten, is het homohuwelijk of adoptie door stellen van hetzelfde geslacht toegestaan. Dat geldt ook voor het overgrote deel van de Cariben. Anti-discriminatiewetgeving is daar vaak zeer beperkt. In enkele landen is seks met iemand van hetzelfde geslacht zelfs strafbaar. In Antigua en Barbuda kunnen mannen hiervoor bestraft worden met vijftien jaar cel, in Trinidad en Tobago met 25 jaar en in Barbados zelfs met levenslang. In de praktijk wordt deze ouderwetse wetgeving niet gehandhaafd. Wellicht zullen deze zaken verbeteren na de uitspraak van het IACHR.

In Latijns Amerika en de Cariben heerst bij veel mensen nog altijd het idee dat mannen zich op een bepaalde, dominante mannelijke manier horen te gedragen. Dit wordt machismo genoemd en in mainstream media is dit beeld nog altijd overheersend. De overwaardering van dit als ‘typisch’ en ‘natuurlijk’ beschouwd mannelijk gedrag in bepaalde culturen en bevolkingsgroepen draagt bij aan vooroordelen over mensen die niet binnen deze categorie vallen, zoals homoseksuelen, transgenders of ‘vrouwelijke’ mannen. Met een grotere zichtbaarheid voor ‘alternatieve’ manieren van man, vrouw of anders zijn, groeit in conservatieve kringen de oproep om traditionele mannelijkheid en vrouwelijkheid te beschermen.

Kerkelijk geïnspireerd verzet

Hoe vallen deze grote regionale verschillen te verklaren? Sociale tolerantie stijgt door economische ontwikkeling, economische zekerheid en verbetering van de democratie. Mensen maken zich minder druk om het economisch levensonderhoud en kunnen meer bezig zijn met maatschappelijke kwesties en waarden. Gemiddeld genomen hebben de rijkere en meer democratische landen in Latijns-Amerika wat progressievere wetgeving. Het verband tussen economisch welzijn en tolerantie blijkt echter niet voor alle landen te gelden. Zo hebben Trinidad en Tobago en Panama een hoger gemiddeld inkomen en een hogere plaats op de democratie-ranglijst dan Brazilië, maar met hun wetten over LGBT-rechten scoren ze beduidend lager. Ook de maatschappelijke acceptatie van het homohuwelijk is minder. In Brazilië zorgde de succesvolle alliantie  van grote LGBT-rechtenorganisaties en hun samenwerking met de Arbeiderspartij (PT) onder de presidenten Lula en Dilma Rousseff voor zichtbare verbeteringen. Er werd in tien jaar zo’n vijf miljard dollar gestoken in grootschalige programma’s om de positie van LGBT-personen in de maatschappij te versterken.

Naast economische ontwikkeling en democratie is er nog een belangrijkere factor: geloof en kerken. Katholieke en protestantse kerken hebben grote invloed op de vorming van de publieke en politieke opinie. Hoewel beide uitgesproken tegen homoseksualiteit zijn, is de houding van de katholieke kerk tegenover anti-discriminatie wetgeving iets flexibeler dan van de meeste protestantse kerken. Mensen die zichzelf beschouwen als (evangelische) protestant of katholiek accepteren minder vaak zaken als het homohuwelijk dan mensen zonder religieuze overtuiging. (Evangelische) protestanten zijn daarbij minder tolerant dan katholieken, zoals uit bijgevoegde tabel blijkt.

Er is daardoor steeds meer – vaak kerkelijk geïnspireerd – verzet tegen de grotere zichtbaarheid van LGBT-personen en hun nieuw verworven rechten. Zo gingen in september 2016 tienduizenden mensen in verschillende Mexicaanse steden de straat op om te protesteren tegen plannen van president Enrique Peña Nieto om het homohuwelijk op nationale schaal te legaliseren. De protesten werden georganiseerd door het Nationale Front voor de Familie, een katholieke organisatie die het idee van de traditionele familie probeert te beschermen.

Scheppingsleer

In Brazilië is de evangelische bevolking verhoudingsgewijs niet zo groot als in Midden-Amerika en de Cariben, maar de electorale macht van deze groep is buitengewoon snel gegroeid. In 1970 was ongeveer 90 procent van de Braziliaanse bevolking katholiek, nu is dit slecht 50 procent. Gedurende dezelfde periode steeg het aantal evangelische protestanten van 5 naar 30 procent. Het evangelische blok, een groepering van evangelische politici van verschillende partijen die vaak gezamenlijk optreden, is spectaculair gegroeid. Terwijl het in 1985 slechts zeventien zetels besloeg, bezet de groep nu 199 van de 513 zetels van het Huis van Afgevaardigden. Het is daarmee een van invloedrijkste lobbygroepen in de Braziliaanse politiek.

Ook de huidige president Michel Temer ontvangt veel steun van prominente evangelische dominees, deels om zijn twijfelachtige legitimiteit te waarborgen na de impeachment van Dilma Rousseff. Rousseff  werd in 2016 afgezet als president na beschuldigingen van creatief boekhouden met de overheidsbegroting. De rechter oordeelde echter dat Dilma de begroting niet had gemanipuleerd. De motieven van de Braziliaanse parlementariërs om Dilma toch weg te stemmen, worden in twijfel getrokken. Meer dan de helft wordt zelf van corruptie of andere misdaden beschuldigd. Zo werd Eduardo Cunha, de inmiddels afgezette voorzitter van het Huis van Afgevaardigden en de voornaamste aanjager van de afzettingsprocedure, zelf tot 15 jaar cel veroordeeld wegens omkoperij en intimidatie van parlementsleden. Ook Temer werd vorig jaar aangeklaagd wegens corruptie. Het parlement, dat kan besluiten om een president te vervolgen, stemde tegen een eventueel proces.

Temer overwoog zelfs een evangelische bisschop, overtuigd van de scheppingsleer – het idee dat het universum door God is geschapen – , aan te stellen als minister van Wetenschap. Uiteindelijk werd de bisschop minister van Handel. De groeiende macht van de evangelicos lijkt vooroordelen en intolerantie in zowel de politiek als de maatschappij te voeden. Het conservatieve geluid krijgt steeds meer ruimte. Mensen die niet binnen de heteronormatieve categoriën – de heteroseksuele mannelijke man en de heteroseksuele vrouwelijke vrouw – vallen, zijn steeds vaker doelwit van protesten en geweld.

Schokkende uitspraken

In januari 2017 werd Marcelo Crivella ingezworen als nieuwe burgemeester van Rio de Janeiro. Deze politicus van de rechts-liberale Republikeinse Partij (PRB) is ook bisschop van de Universele Kerk van het Koninkrijk Gods. Crivella zei tijdens een preek in 2012 dat homoseksualiteit wordt veroorzaakt door beschadiging van de baarmoeder en mislukte abortussen. Daarnaast noemde hij katholieken “demonisch” en beweerde hij zelfs dat hindoes het bloed van kinderen drinken. Crivella schrapte de financiële steun voor de Gay Pride in Rio van afgelopen 19 november. In de nationale politiek hoort men schokkende uitspraken. Jair Bolsonaro, in de peilingen de op een na populairste kandidaat voor de presidentsverkiezingen van 2018, zei in een interview met Playboy in 2011 dat hij liever heeft dat zijn zoon verongelukt dan dat hij met een man thuiskomt. In hetzelfde jaar zei hij tegen Jornal de Noticias dat “veel door homoseksuele stellen geadopteerde kinderen zullen worden misbruikt door hen”. Er is volgens hem geen anti-homofobie beleid nodig, omdat “de meeste homoseksuelen vermoord worden door hun pooiers terwijl de brave burger slaapt”.

Blasfemie, pedofilie, bestialiteit

Zulke uitspraken zijn geen losse opmerkingen, maar maken deel uit van een golf van intolerantie tegenover minderheden. Zo ontstond in september 2017 grote controverse over het ‘Queer Museum’, een tentoonstelling van de Santander Bank in Porto Alegre, de hoofstad van de zuidelijk deelstad Rio Grande do Sul. Een aantal kunstwerken bevatte beelden van seksuele activiteit en religieuze figuren. Demonstranten, gesteund door de libertarische beweging Movimento Brasil Livre (Beweging van vrij Brazilië) die aansluiting zoekt bij conservatieve religieuze groepen, beweerden dat de uit belasting geld gefinancierde tentoonstelling blasfemie, pedofilie en bestialiteit promootte. Ook zou de tentoonstelling schadelijk zijn voor kinderen. Santander Bank besloot de tentoonstelling voortijdig te beëindigen.

De conservator van het museum, Gaudêncio Fidelis, moest 23 november zelfs voor de Senaat verschijnen om zich te verdedigen tegen beschuldiging van “mishandeling van kinderen en tieners”. Hij werd opgeroepen door een parlementaire onderzoekscommissie, geleid door senator Magno Malta van de Partij van de Republiek (PR), net als de burgemeester van Rio een evangelische predikant. Vrijheid van expressie lijkt in Brazilië steeds meer te worden bedreigd.

Homoseksualiteit genezen

Slechts een week na het museumschandaal hief een Braziliaanse rechter het verbod op conversietherapieën op. Een van de aanklagers in deze zaak was een psycholoog wiens vergunning was ingetrokken voor het aanbieden van deze anti-homoseksualiteitsbehandeling, die ervoor moet zorgen dat de behandelden weer als heteroseksueel door het leven kunnen gaan. De Federale Psychologieraad van Brazilië verbood deze omstreden therapieën in 1999. De raad reageerde met afkeer en stelde dat het besluit verbonden is aan religieuze en conservatieve opvattingen.

Dit soort gebeurtenissen laat zien dat de rechten van de LGBT-gemeenschap in de publieke ruimte langzaam afnemen. LGBT-wetgeving is snel veranderd, maar de maatschappelijke tolerantie blijft daar ver bij achter. Vandaar de hevige tegenreacties. Jurema Werneck, directeur van Amnesty International in Brazilië, zegt dat het land meer moet doen om de grondwettelijke rechten van burgers te garanderen.

Moordstatistieken bevestigen de marginalisering van LGBT-personen. Uit een rapport van Transgender Europe blijkt dat tussen 2008 en 2015 liefst 802 transgenderpersonen zijn vermoord in Brazilië, meer dan in welk land ook. Dit is in verhouding twee keer zoveel als nummer twee op de lijst, Mexico (229) en meer dan negen keer als de Verenigde Staten. Geweld tegen de LGBT-gemeenschap blijkt volgens rapporten van het Inter-Amerikaanse Commissie voor de rechten van de mens (CIDH) steeds extremer, waarbij naast moord ook martelingen, verminkingen, verbrandingen en zelfs stenigingen voorkomen.

Lees ook ons interview met Brigitte Baptiste

Bookmark and Share


Terug