Zuid-Amerika Midden-Amerika Cariben

La Chispa is dé website voor liefhebbers van Latijns Amerika. Journalistiek, betrokken, informatief, scherp. Een interactieve community met echte chispa: levendig en met passie.

Hugo Chávez. Socialist for the Twenty-First Century

Auteur : Jan de Kievid

Hugo Chávez. Socialist for the Twenty-First Century

De begin 2013 overleden Venezolaanse president Hugo Chávez was controversieel en zal dat wel blijven. Het komt ook naar voren in de biografie van de Schotse historicus Mike Gonzalez, die eerder over onder andere Cuba publiceerde. Het boek verschijnt in een nieuwe serie handzame Revolutionary Lifes, waarin vorig jaar ook Salvador Allende werd opgenomen (zie La Chispa 366).

Bijna de helft van het boek gaat over de periode tot 1998, toen de in 1954 geboren Chávez de presidentsverkiezingen won. Gonzalez plaats deze overwinning in de context van het toenmalige Venezuela. Het land was een vastgelopen oliestaat met een verstarde, elitaire en corrupte democratie. Ook leven en denkbeelden van Simón Bolívar, de bekende Zuid-Amerikaanse vrijheidsstrijder en Chávez’ grote voorbeeld, worden helder besproken. Net als meer jongens uit arme families kreeg Chávez kansen via de militaire academie. Hij organiseerde geheime bijeenkomsten van ontevreden militairen en discussieerde met voormalige guerrillero’s en andere linkse voormannen over hoe ze Venezuela konden ‘bevrijden’. Daarbij kon hij als militair opmerkelijk vrij zijn gang gaan.

Volksheld

Toen begin 1989 het massale protest tegen neoliberale bezuinigingen bloedig – met een paar duizend doden – werd onderdrukt, waren Chávez en zijn kameraden verrast. Ze beseften dat ze iets moesten doen en in 1992 probeerde Chávez met een paar legeronderdelen een staatsgreep uit te voeren, al was er geen doordacht plan voor wat er daarna moest gebeuren. Al na vier uur moesten ze zich overgeven. De Cubaanse president Fidel Castro, later de grote vriend van Chávez, feliciteerde de Venezolaanse president met het mislukken van de coup. Door een paar woorden op de televisie bij zijn overgave groeide Chávez uit tot volksheld, die in zijn cel voortdurend medestanders en bewonderaars ontving. Zijn geliefde vond dat hij te veel meeging met die persoonsverheerlijking en hun relatie liep af. In 1994 kwam Chávez vrij. Na veel discussiëren en organiseren koos hij voor deelname aan de presidentsverkiezingen van 1998, die hij – als buitenstaander die niet was besmet door de gevestigde politiek – verrassend won.

Tot zover geeft Gonzalez een goede schets van het leven van Chávez, met achtergronden en uitleg, maar zonder veel commentaar. Ook de bekende gebeurtenissen daarna, zoals de mislukte staatsgreep tegen Chávez van 2002, stakingen tegen zijn bewind, de talrijke verkiezingen, vriendschap met Fidel Castro, opzetten van sociale ‘missies’ - sociale programma’s voor alfabetisering, onderwijs en gezondheidszorg - en de reacties op zijn dood begin 2013, worden helder beschreven. Het handelen van Chávez wordt nu echter voorzien van forse kritiek. Gonzalez is aanhanger van de visie die in de jaren dertig van de vorige eeuw in ballingschap door Leon Trotsky werd ontwikkeld nadat hij de machtsstrijd met Stalin in de Sovjet-Unie had verloren. Hij vond dat de Sovjet-Unie niet socialistisch was geworden, maar staatskapitalistisch, geleid door een autoritaire en starre bureaucratie. Gonzalez noemde al eerder ook Cuba zo’n niet-socialistische bureaucratische staat. Vanuit dit Trotskistisch perspectief beoordeelt Gonzalez Chávez.

Boliburguesía

Gonzalez ziet bij Chávez grote tegenspraken tussen theorie en praktijk. Hij streefde naar een brede participatieve democratie, maar concentreerde steeds meer macht in eigen handen. Er was geen discussie over het beleid, het werd door Chávez opgelegd. Omgeven door jaknikkers geloofde hij steeds meer in zijn onmisbaarheid. Toen hij in zijn laatste levensjaar voor medische behandeling vaak in Cuba was, werd Venezuela nauwelijks meer geregeerd; niemand anders durfde beslissingen te nemen. Er vormde zich een nieuwe bureaucratie – de boliburguesía - van chavistas en anderen die op eigen macht en gewin uit waren. Van bovenaf stuurde de partij van Chávez de ‘missies’ en gemeenschapsraden, die organen van basisdemocratie hadden moeten zijn. Ze verwerden tot instrumenten van controle, cliëntelisme en corruptie. Volgens Gonzalez heeft de Cubaanse invloed op Chávez deze processen versterkt.

Socialistisch werd Venezuela niet, want de productiemiddelen kwamen niet in handen van de bevolking en voor arbeiderszelfbestuur toonde Chávez geen belangstelling. Na vijftien jaar Chávez kwam nog steeds 96 procent van de exportopbrengsten uit olie en werd 80 procent van het voedsel ingevoerd. Er was nauwelijks nieuwe industrie bijgekomen en de landbouwproductie was niet verhoogd. De afhankelijkheid van de kapitalistische wereldeconomie was niet verminderd. 
 
Gonzalez concludeert dat “de beweging die Chávez zelf in naam van de participatieve democratie had geschapen een systeem had voortgebracht dat net zo strak gecontroleerd en corrupt was als het stelsel dat het had vervangen.” Het ‘socialisme van de 21e eeuw’ van Chávez is mislukt. Er moet een nieuwe massabeweging komen die zich niet meer laat misleiden door een nieuwe heersende groep, ditmaal “gewapend met de lessen, de waarschuwingen en de inspiratie die de erfenis zijn van Hugo Chávez.” Net als Chávez zit zijn biograaf verstrikt in tegenstrijdigheden. Hij bewondert de revolutionaire krachtpatser, maar veroordeelt zijn verkeerde keuzes. Chávez heeft wel “zijn land, en mogelijk Latijns Amerika, voor altijd veranderd.” 

Mike Gonzalez, Hugo Chávez. Socialist for the Twenty-First Century. Londen: Pluto Press, 2014. 154 pag. ISBN 978 0 7453 3465 3. € 21,50 (ook verkrijgbaar als PDF eBook)


Terug